| Jaargang 14, nr. 3 - september 2003 |
| Van de redactie |
|
Best mede-VZV-lid, als u dit al leest, dan bent u bijzonder. Volgens een absoluut niet representatieve steekproef leest een meerderheid van de leden dit bulletin niet. Als redacteur sta je dan voor de keus: maak je dezelfde fout als de rabbijn laatst (donderpreek over al die mensen die niet in de synagoge zaten, maar helaas gericht aan en slechts gehoord door de weinigen die er wel waren), of doe je alsof je neus bloedt en schrijf je gewoon de inleiding waar -- kennelijk -- weinigen op zitten te wachten. U begrijpt het al, de plicht gaat voor en u krijgt -- voor zover u er niet al op andere wijze van op de hoogte bent -- toch te horen wat er zoal in de wijdere vertalerswereld gebeurt.
Zoals gewoonlijk vlak voor een ledenvergadering heeft het bestuur in de persoon van Kath Starsmore veel te melden en daar openen wij mee. Naast het runnen van de vereniging hebben zij de afgelopen periode wederom veel tijd en energie gestoken in het lezen van stukken en het bijwonen van vergaderingen die te maken hebben met de BV tolken en vertalers (branchevereniging voor tolken en vertalers). Speciaal voor u hebben wij deze stukken achteraan in dit bulletin gezet. U kunt ze lezen, u kunt ze negeren, maar u zult later niet kunnen zeggen dat niemand u vertelde wat er gaande was.
Na Kaths inleiding staan de gegevens voor de komende ledenvergadering: plaats, datum en tijd, agenda. Uiteraard hopen wij velen van u daar te mogen ontmoeten.
Gelukkig hebben wij niet alleen zware kost voor u in dit bulletin. Liena van Oijen laat ons meelachen en -huilen met het geestige en aangrijpende verhaal van een collega-arm collega. Daarna doet Saskia Wieberdink verslag van een interessante door Euronext georganiseerde bijeenkomst in Parijs over financieel vertalen. Zij sluit af met de verzuchting dat er meer van dergelijke cursussen zouden moeten zijn, maar dan specifiek op Nederland en de Nederlandse situatie gericht.
Zoals u ziet, een dik pakket. Het is u gegund. Wij hopen dat u alles goed zult lezen. Ook zouden wij het fijn vinden als u ons af en toe zou laten weten wat u van het bulletin vindt. Ook een redactie moet soms de motivatie om elk kwartaal weer iets lezenswaardig samen te stellen uit zijn tenen halen en dan kan een reactie van u veel betekenen. Zelfs een kritisch geluid geeft aan dat u het bulletin wel gelezen heeft! Voor u spreekt het vanzelf, als u tenminste tot zover gelezen heeft, wij (de redactie) weten dat niet. Trouwens, zou het bestuur ook wel eens het gevoel hebben dat men zijn vele in stilte verrichte arbeid niet op waarde weet te schatten? Ten slotte, of u nu wel of niet tot ons vaste lezersbestand hoort, wij wensen u veel leesplezier toe.
Harold Alexander
|
| Van het bestuur |
|
De afgelopen maanden is het bestuur, ondanks het mooie zomerweer, druk bezig geweest de VZV bij de verschillende vergaderingen over de beoogde nieuwe branchevereniging te vertegenwoordigen. Het is ons intussen duidelijk geworden dat deze nieuwe organisatie in feite een vereniging zal zijn, waarvan iedereen persoonlijk lid wordt. Dit schijnt tijdens de rondetafelconferentie, waarvoor wij niet waren uitgenodigd, te zijn afgesproken. De structuur van de beoogde branchevereniging voor tolken en vertalers en verdere gegevens treffen jullie in dit bulletin aan (conceptnotitie versie 0.7). Voor de NGTV-leden onder jullie zal dit allemaal heel herkenbaar zijn. Zoals wij de vorige keer al vaststelden: wij zijn het wiel opnieuw aan het uitvinden. Naar aanleiding hiervan heeft het bestuur besloten om alleen nog maar de stuurgroep-vergaderingen en de vergaderingen van de werkgroepen verenigingsstructuur en belangenbehartiging bij te wonen. De werkzaamheden van de werkgroep trainingen zijn al opgeschort in verband met een inventarisatie op dit gebied die door het NGTV wordt uitgevoerd.
Volgens de planning hadden de werkgroepen hun resultaten in augustus/september aan de stuurgroep (alle voorzitters) moeten presenteren. Dit is niet gelukt. Er wordt nu naar gestreefd in het najaar een 'conceptbeslisdocument' te voltooien dat vervolgens aan de besturen en leden van de betrokken organisaties kan worden voorgelegd.
W&S heeft een vijftal modellen geschetst. Deze variëren van een 'big bang', waarbij alle verenigingen zichzelf opheffen op de datum dat de branchevereniging tot stand komt, via een NGTV nieuwe stijl (de andere verenigingen heffen zich op en adviseren hun leden om lid te worden van het NGTV), een NGTV+ (het NGTV fuseert slechts met die organisaties, die daartoe bereid zijn), een branchevereniging plus bestaande organisaties (de branchevereniging wordt opgericht, maar alle bestaande organisaties blijven bestaan), tot een branchevereniging plus belofte tot opheffing van bestaande organisaties binnen een jaar.
Op 29 november 2003 wordt in Utrecht een congres georganiseerd onder de titel 'Met andere woorden'. Het voorlopige ochtendprogramma omvat toespraken van de minister van Justitie over het beleid ten aanzien van tolken en vertalers en van prof. dr. Erik Hertog over Europese ontwikkelingen. Ook zal de branchevereniging worden toegelicht. Het voorlopige middagprogramma voorziet in deelsessies van praktisch belang voor tolken en vertalers, bijvoorbeeld acquisitie, nieuwe technologie, Arbo-wetgeving, enzovoort. Tijdens de ALV op 3 oktober aanstaande willen wij een brede discussie over dit onderwerp met de leden voeren. We hopen dan ook dat iedereen z'n best zal doen om aanwezig te zijn om ons beleid ten aanzien van de verdere ontwikkelingen te helpen bepalen. Hopelijk tot ziens op 3 oktober. Namens het bestuur, Kath Starsmore, voorzitter |
| Algemene ledenvergadering |
|
Datum en plaats
Vrijdag 3 oktober 2003, 14.00 uur, Hotel Park Plaza te Utrecht Programma
Agenda
Nadere gegevens
Plaats vergadering, borrel en diner
Bereikbaarheid Eigen vervoer Komende vanuit Arnhem (A12) volgt u de borden Ring Utrecht/Nieuwegein, u neemt afslag nummer 17 en volgt de borden Jaarbeurs. Komende vanuit Amersfoort (A28) neemt u de afslag Jaarbeurs. U rijdt via de A27 en A12 richting Utrecht/Jaarbeurs/Centrum. Na de Jaarbeurs in het Beatrixgebouw slaat u rechtsaf en volgt deze weg. Aan uw rechterzijde ziet u het Park Plaza Utrecht liggen. Vanuit Den Haag/Rotterdam (A12) volgt u de borden Amsterdam, u neemt vervolgens afslag Jaarbeurs en blijft deze borden volgen. Vanuit 's-Hertogenbosch/Breda (A2) volgt u de borden Den Haag en vervolgens na 100 m de borden Centrum. Daarna volgt u de borden Jaarbeurs. Vanuit Amsterdam (A2) neemt u de afslag Jaarbeurs. Borden Jaarbeurs volgen en alsmaar rechtdoor rijden richting centrum. Bij het bordje hotels rijdt u de ventweg op en ziet u het Park Plaza Hotel liggen. Openbaar vervoer
Vanuit het Centraal Station neemt u de uitgang Jaarbeursplein. Wanneer u buiten komt, gaat u direct rechts en loopt u deze straat uit. Na twee minuten lopen ziet u het hotel voor u.
Zoals gebruikelijk verzoeken wij leden, introducés en genodigden zich aan te melden bij het VZV-Secretariaat, zo mogelijk via het deelnameformulier dat iedereen zal ontvangen. Vergeet niet de namen van introducés te melden! Het middagprogramma en de receptie komen voor rekening van de VZV. De bijdrage voor het diner bedraagt voor VZV-leden EUR 32,50 en voor genodigden en introducés EUR 37,50. Wij verzoeken u de bedragen over te maken op girorekening 1961176 t.n.v. Penningmeester VZV te Den Haag, onder vermelding van: bijdrage diner. Afzegging is tot en met 29 september mogelijk. Daarna zal de bijdrage voor het diner in rekening worden gebracht. |
| Normalisatie -- het werk aan een norm voor vertaaldiensten in Europees en Nederlands verband |
| Hanneke Kerkhoven en Marcus de Geus |
|
Achter de schermen wordt al meer dan twee jaar over de ontwikkeling van een norm van vertaaldiensten gesproken. Nu er binnen de VZV stemmen opgaan om een actieve rol te spelen, is het tijd voor een stukje over dat onderwerp, maar we beginnen met een korte terugblik.
Dit normalisatie-initiatief is vanuit Europa over ons heen gekomen. Het uitgangspunt bij zo'n normalisatieproces is dat het mogelijk en wenselijk is dat de betrokkenen tot overeenstemming komen over een norm voor hun branche, maar dat ze het nog niet vanzelf eens zijn. Dat bleek ook al in de aanloop binnen het Europese normalisatie-instituut (het CEN): er was een groot verschil van inzicht tussen de zelfstandige vertalers en de bureaus. Op initiatief van de koepel van vertaalbureaus, de EUATC, zijn enkele vergaderingen van het CEN gehouden over het voorstel van de bureaus om een norm te ontwikkelen op basis van hun interne kwaliteitsregels. Medio 2002 zijn enkele bij de FIT aangesloten Europese vertalersverenigingen zich ermee gaan bemoeien. Zij hebben ervoor gezorgd dat de Europese norm, als die er komt, ook voor de individuele vertaler geschikt moet zijn. Voor de ontwikkeling van de Europese norm voor vertaaldiensten is er nu een Europese werkgroep, waarin het nationale normalisatie-instituut van elk van de circa twintig aangesloten landen is vertegenwoordigd en kan meepraten en meebeslissen. Deelnemers in Nederland De vraag tijdens de voorgesprekken met het Nederlands Normalisatie-instituut, het NEN, (september-december 2002) was: laten we het over ons heen komen of nemen we een actieve rol. In het voortraject heeft iedereen die van vertalerszijde was aangesproken (NGTV, ATA, OVIN, VZV, MetaCom) aangegeven geïnteresseerd te zijn. Namens de Nederlandse vertaalbureaus doet nu de OVIN mee, en waarschijnlijk zal de ATA alsnog gaan deelnemen. Van de overheden zijn helaas de Ministeries van Buitenlandse Zaken en Landbouw afgehaakt en wil alleen Justitie participeren. Omdat het alleen over vertalen en uitdrukkelijk niet over tolken gaat, lijkt voor Justitie een soort waarnemersrol weggelegd. Van afnemerszijde zijn daarnaast de vertaalbureaus van TPG en DSM betrokken. Van de opleiders was in het begin alleen de Lessius Hogeschool uit Antwerpen aanwezig. Bij de laatste vergadering op 2 september waren uit die hoek ook de Vertaalacademie Maastricht, de SIGV en het ITV vertegenwoordigd, deels als toehoorder. Van de vertalersverenigingen doet tot nu toe alleen het NGTV als zelfstandige partij mee. In het algemeen worden de vertalers vertegenwoordigd door de MetaCom, die daarvoor de VZV heeft afgevaardigd. Als blijkt dat de VZV zelf gaat meedoen zal de MetaCom een van de andere aangesloten verenigingen daarvoor vragen. Stand van zaken De toekomstige norm, en dus het werk eraan, is vooraf al in hoofdstukken ingedeeld, met een aanvoerend land per hoofdstuk:
Het ligt voor de hand hier het Engels te gebruiken, want dat is volgens een voltallig besluit van de Europese werkgroep de voertaal. Overigens heeft de Nederlandse werkgroep al besloten dat we te zijner tijd zorgen dat de norm er ook in het Nederlands komt. Op 2 september 2003 hebben de betrokken Nederlandse organisaties weer bij het NEN vergaderd. Het ging over organisatorische aspecten (wie doet wat, wie betaalt wat), maar voor het eerst ook over inhoudelijke punten. Feitelijk zijn we nogal laat en vallen we midden in een proces dat al vaart en inhoud heeft gekregen. Er was in de weken voor 2 september via het NEN een enorme digitale papierberg over ons uitgestort, bestaand uit voorstellen voor bepaalde hoofdstukken, vervolgens commentaar van andere landen op die voorstellen, geconsolideerde versies waarin de commentaren naast het voorstel zijn gezet, nieuwe opmerkingen naar aanleiding daarvan enzovoort. Bij de laatste twee Europese vergaderingen dit jaar waren al besluiten genomen over een eerste versie van de basic requirements en is besloten dat de terms and definitions gaandeweg moeten groeien. Voor het geheel geldt overigens dat het stapsgewijs moet groeien. Pas in een laat stadium komt er een versie waarop door ieder land alleen nog 'ja' of 'nee' gezegd kan worden. Het NEN in Wenen De volgende Europese vergadering, op 8 en 9 september in Wenen, zou over client-service provider relationship en added value services gaan. Daar hebben we onze Nederlandse vergadering op afgestemd. Samen met Sonja Brouwer (ATA) hebben wij een voorstel geschreven voor commentaar op het door de Finnen voorgelegde voorstel voor de client-service provider relationship, waarop ook van andere landen al veel reacties bekend waren. Dat klinkt natuurlijk niet erg efficiënt, maar zo werkt het nu eenmaal, omdat op deze manier iedereen zijn inbreng kan hebben. De toekomstige norm wordt op deze manier steeds bijgeschaafd tot iedereen zich erin kan vinden. Ons stuk is door de Nederlandse vergadering besproken en goed ontvangen. Besloten is dat het NEN in Wenen onze ideeën in algemene termen zal inbrengen, vooral omdat de Nederlandse deelnemers geen tijd meer hadden om hun achterban te raadplegen, op- en aanmerkingen te maken en hun goedkeuring te geven. De algemene inbreng houdt in dat het NEN zal pleiten voor vereenvoudiging en een soepele aansluiting bij gangbare algemene voorwaarden. Verder hebben we in het algemeen over de rol van vertalers, vertaalbureaus en afnemers gesproken. Vaak is er bij de productie van een vertaling een hele keten betrokken. In een extreem geval loopt die van bijvoorbeeld de oorspronkelijke vertaler, via een of meer bureaus naar een bedrijfsvertaalbureau en vandaar naar een klant die geen vertaler is (end user zou je in een andere context zeggen, maar dat is hier niet echt van toepassing). De tussenschakels in die keten zijn zowel opdrachtnemer als opdrachtgever in het vertaalproces. De norm moet op alle schakels van toepassing zijn, waarbij de onderscheiden kenmerken die een bepaalde positie in de dienstverleningsketen met zich meebrengt in de norm tot uiting moeten komen. Enkele opmerkingen tot slot Het ontstaansproces van een Europese norm voor vertaaldiensten is in volle gang. Als wij vertalers ons ermee blijven bemoeien is de kans groot dat er een nuttig instrument uit komt. Een norm kan immers niet alleen onszelf, maar ook opdrachtgevers duidelijkheid verschaffen over de 'normale' gang van zaken (dat is tenslotte iets waar we als vertalers vaak moeilijkheden mee ondervinden). Daarom is het belangrijk dat ook de VZV meedoet. We kunnen ons natuurlijk gemakkelijk achter MetaCom verschuilen en zo de jaarlijkse ontwikkelkosten van circa 1300 euro ontlopen, maar de VZV is gediend met een duidelijke inbreng waarbij het belang van de zelfstandige vertaler voorop staat. Verder is de VZV gebaat bij een herkenbare aanwezigheid in de commissie. Toegegeven, die commissie vergadert niet zo vaak, maar daarnaast vindt er heel wat voorbereidingswerk plaats en via die contacten kun je je als kleine vereniging toch aardig profileren. Zie het maar als reclame. In een norm wordt vastgelegd wat de betrokken partijen de juiste manier van handelen vinden. Een norm is nog geen voorschrift en leidt niet vanzelf naar certificering. Certificering van de individuele vertaler is heel ingewikkeld en het nut lijkt twijfelachtig. Wel kan de norm in bepaalde gevallen expliciet worden voorgeschreven. Als de norm zich bijvoorbeeld uitspreekt over beëdiging (wat heel moeilijk is gezien de per land uiterst diverse voorschriften) dan zou daaruit weer vaste Europese regelgeving kunnen voortvloeien, die natuurlijk wel een verplichtend karakter heeft. Lezers die belangstelling hebben voor de normalisatie kunnen stukken bij ons opvragen. Het verslag van de laatste vergadering bijvoorbeeld, of het werkplan, zou u inzicht kunnen geven in hoe het proces werkt. In het begin heeft het NGTV een vertaling laten maken van een eerste aanzet voor de basic requirements. Intussen is wel duidelijk dat het absoluut ondoenlijk is alle belangrijke stukken te laten vertalen en publiceren. Het is eenvoudigweg veel te veel, en u als lezer zou toch voortdurend achterlopen. Maar we houden u zo goed mogelijk op de hoogte. |
| Een bijdrage van Liena van Oijen, vertaler Nederlands-Engels |
|
Als beginnend vertaler woonde ik lang geleden een internationale bijeenkomst voor freelance vertalers bij, een middaglezing in een zaaltje ergens in Londen op een zonnige en slaperige zomerse dag. Ik was nog maar net op tijd en schoof aan in de achterste rij, met belangstelling kijkend naar de achterhoofden van de andere beoefenaren van mijn nieuwe beroep. Dit waren ze dan, de dames en heren die mij voor waren gegaan in dit nobel vak. Mijn plek in de matig gevulde zaal bood uitgebreid zicht op een serie kale en/of grijze hoofden. Wat mij ook al snel opviel was dat mensen zelden samen zaten. Was een stoel bezet, dan waren er daarnaast twee of drie lege stoelen voordat er weer iemand alleen zat, daarnaast weer wat lege stoelen en weer een enkele persoon, enzovoort. Schuin voor mij zat een dame met een grote bontmuts van wat leek op een recent overleden vos. Zij was een frêle en ietwat gebogen verschijning, maar de muts zweefde trots boven alle silhouetten in de zaal uit, alsof deze iets moest compenseren voor de kleine gestalte eronder. Schuin voor mij aan de andere kant zat ook een dame te knikken in het luchtledige, wat merkwaardig was, want ook zij zat alleen. Al snel zag ik echter dat zij hier niets aan kon doen. Zij had een tic en haar hoofd trok om de paar seconden even naar voren. Vreselijk voor haar natuurlijk, maar ook erg afleidend als je erachter moest zitten, was mijn nuchtere constatering.
De lezing begon en hoewel ik mij niets meer van de inhoud herinner, weet ik nog wel dat het welbespraakt en geestig was, op een manier waar Engelsen vaak een patent op lijken te hebben, 'self-deprecating' zonder plaatsvervangende schaamte te genereren, geestig, droog en gevat zonder lachsalvo's te ontketenen. Echter, de voornaamste reden voor mijn gebrek aan aandacht was helaas mijn onvermogen om op de spreker en niet op de zaal te letten. Naast de mevrouw met de tic links en die met de bontmuts rechts zag ik een aantal zeer-hoogbejaarden. Een van hen zat reeds licht te snurken, een jonge meneer met zeer dikke brillenglazen kuchte steeds dwangmatig en een aantal dames leek wat kapsel en kleding betreft zojuist uit een time warp te zijn gekropen. Het moest aan mij liggen, besloot ik. Er waren vast andere aardige en normale mensen bij. Het werd pauze. Kopjes en schoteltjes rinkelden beleefd in de foyer. Mijn uitzicht op een verzameling beroepsgenoten uit allerlei landen deed mij plotseling beseffen dat de dames met de tic en de bontmuts (die nog steeds fier op het hoofd werd gedragen, ondanks de binnenvallende middagzon) geen uitzonderingen waren. Een alleraardigste Schotse meneer vertelde mij ongevraagd over zijn 80 kamers tellende kasteel en meldde dat hij van en naar zes (of waren het er acht?) talen vertaalde, waaronder Nederlands, waarna hij wegsnelde naar een verraste Scandinaviër die hij hetzelfde toevertrouwde. Dan was er de zwaarlijvige vijftigster die mij zwaarmoedig aankeek over de rand van een variofocus bril. Als je haar hoofd met de grijze wortels in het lange gehenna'de haar wegdacht, dan stond daar een Woodstock-vluchteling, compleet met peaceketting, etnisch verantwoorde soepjurk, sandalen en hesje met indianenfranje. Daarnaast stond een handgebreide wollen trui die steeds angstig bleef knipperen met haar ogen alsof ik misschien van zins was haar te gaan slaan. Ik wendde mij snel naar een mevrouw die alleen en zwijgend in een hoekje stond en wiens naambordje verraadde dat zij ook Nederlands was en naar het Engels vertaalde. In een wanhopige poging om een gesprek aan te knopen vroeg ik haar naar haar vakgebieden, waarop zij als door een wesp gestoken reageerde met de tegenvraag waarom ik dat wilde weten. Vervolgens wendde zij zich boos van mij af en deed alsof ik lucht was. Ik heb de rest van de pauze in de toiletten doorgebracht, mijzelf in de spiegels bestuderend om het prille begin van paranoia te signaleren. Na afloop was ik gauw vertrokken. 'Funny lot', dacht ik bij mijzelf. Zou ik ook zo worden na verloop van tijd? En het goede antwoord is: JA! Het gevaar bestaat dat je inderdaad een beetje merkwaardig wordt als freelance vertaler. Dat ligt niet aan het vak, maar aan het feit dat je snel en precies en soms onder grote tijdsdruk hard moet werken, dag in, dag uit. Thuis. Alleen. Geen collega die je verveelt met een uitgebreide samenvatting van zijn weekend op de kemping of het virus op z'n PC, geen gesprek bij de village pump over de secretaresse van de veertiende verdieping, de vreselijke ziekte van de buurvrouw van de zus van het nichtje van de kantinedame, geen vakantieplannen uitkauwen, geen complimentjes of meewarige blikken voor je kapsel, schoenen of oorbellen. Niets. Geen roddels, niks kantoormoppen, geen medeleven, geen geflirt, geen verjaardagsgebak, geen melige maandagen, nooit met de collega naar de markt in de vrijdagse lunchpauze. En daar wringt de schoen. Als je niet veel televisie kijkt en geen zeer diverse kennissenkring hebt, merk je op een dag dat het steeds vaker voorkomt dat de cassière in de supermarkt of de glazenwasser de enige persoon was die je overdag hebt gezien. En misschien zie je soms wel helemaal niemand. Je maakt af en toe een praatje over de telefoon, maar je collega's hebben ook haast, want ook zij werken onder grote tijdsdruk. Dus ben je blij als je partner, je kind of je kat weer thuiskomt met verhalen over Idols of Beyblades Silver Spinners, ffe chekke of vet cool gaaf chillen. Je hebt misschien regelmatig de radio aan en leest de laatste boeken, maar op feesten en partijen merk je dat je geen idee hebt wie de babes van de Nederlandse televisie zijn, wat de nieuwste reclameleus is (Omdat ik het Waaaaard ben! en Nu-Even-Niet) en waar je het beste kunt zijn voor goedkope vliegtickets naar Bali of digitale camera's. Het zijn kleine weetjes, opmerkinkjes, namen en gezichten die je misschien alleen nodig lijkt te hebben voor Get the Picture, maar zij vormen wel de basis van onze kennis over de wereld om ons heen. Niet al deze dingen moeten - of willen - we weten, maar het feit dat we thuis zijn, dat we hard werken en grotendeels alleen zijn betekent dat wij steeds minder van dit soort weetjes, opmerkingen, reclameleuzen en namen horen. Wij hebben de gelegenheid om te selecteren, niemand wordt ons opgedrongen, en dus selecteren wij steeds meer in de nieuwe mensen met wie we omgaan. Soort zoekt soort en in de vertalerswereld is het Get the Picture-gehalte nu eenmaal niet hoog. Dus thuis met de zelfuitgekozen muziek op volume 10, het beschaafde nieuwsblad en onze uitgelezen vriendenkring waarmee we intellectuele wetenswaardigheden uitwisselen, creëren wij op den duur een bastion om ons heen. Als wij niet oppassen raken wij in onszelf gekeerd en weten wij steeds minder van de grote, luchtige en luidruchtige wereld om ons heen. Nooit wil ik meer van negen tot vijf hoeven te werken, in de file te staan, te koukleumen op de tramhalte, noodgedwongen de nieuwjaarsrede van de directeur of de schuine kantoormoppen aan te horen, maar toch mis ik af en toe een collega om verhalen mee te delen, iemand die heel anders is dan ik en met wie ik genoegen moet nemen omdat ik er een kamer mee deel. Die niet mijn soort mens is. Maar toch leuk gezelschap, iemand met wie je kunt lachen, van wie je nieuwe (misschien ongewenste) dingen leert, en die je een inkijkje gunt in de wereld van Story en Idols, die grote luidruchtige wereld waar je anders niet mee in aanraking komt. Dus als ik aan de schoolpoorten sta met de hijgende moeders die met een volle boodschappentas, een kind voorop, een kind achterop en een gestresste frons de aankondiging in ontvangst nemen van alweer een ADV-dag, het-ouders-gevraagd-verzoek voor Artis, museum, schooltuin of zwembad, en ik vertel dat ik wel fulltime werk, maar dat ik dit thuis doe, merk ik dat zij jaloers zijn op mij en mijn vrijheid om mijn dag in te delen, maar dat ik ook jaloers ben op de wereld waartoe zij nolens volens toegang hebben. Met slecht weer, stakingen en stremmingen is het zalig om thuis te zijn bij de verwarming, de pantoffels niet uit te hoeven doen om naar mijn werk te gaan, met leedvermaak hoor ik de fileberichten en de stremmingen in het openbaar vervoer aan. Ik zet de radio wat harder en de verwarming wat hoger en voel me bevoorrecht. Dat ben ik ook. Maar toch mis ik wat. |
| Verslag Euronext-bijeenkomst financieel vertalen, 20 juni 2003 te Parijs |
| Saskia Wieberdink |
|
Op 20 juni 2003 organiseerden de Rencontres Traduction Financière (RTF) en Euronext Paris in de beurs van Parijs hun achtste bijeenkomst over financieel vertalen. Deze tweejaarlijkse workshop, waaraan ook de Franse vertalersorganisatie SFT en de onvolprezen mailinglist Financial Translator's Forum hun medewerking verlenen, trok bijna honderd deelnemers uit veertien landen. Ongeveer de helft kwam van buiten Frankrijk, waarbij Nederland met vijf vertalers redelijk vertegenwoordigd was. Vooral vertalers in loondienst (bij financiële- en overheidsinstellingen) en vertaalbureaus namen deel. Ongeveer een kwart van de aanwezigen was freelance vertaler.
Er werden lezingen verzorgd over zeven onderwerpen.
Ik vond de meeste lezingen buitengewoon interessant en informatief. Jammer is wel dat bij dit soort bijeenkomsten vooral de situatie in Frankrijk en de Angelsaksische wereld aan bod komt. Financiële vertalers in en uit het Nederlands zouden gebaat zijn bij een contrastieve benadering waarbij ook de Nederlandse situatie en de Nederlandse terminologie worden behandeld. Wie meer informatie over deze workshop wenst, kan contact met mij opnemen: saskia.wieberdink@inter.nl.net. De volgende Euronext workshop van Rencontres Traduction Financière wordt in 2005 gehouden. Ook zijn er plannen voor een tweede driedaags seminar in de zomer van 2004 (het vorige had in 2002 in La Rochelle plaats; zie het verslag in het VZV-Bulletin van september 2002). |
| Nieuw woordenboek -- Nederlands als tweede taal |
| Pete Thomas |
|
Net verschenen bij Van Dale is een woordenboek dat nieuw is in zijn soort: Nederlands als Tweede Taal (hoofdredactie Marja Verburg en Ruud Stumpel). Het woordenboek is gebaseerd op de 2000 woorden van het Basiswoordenboek Nederlands (de meest gebruikte woorden in het Nederlands) en dient als heldere en overzichtelijke basis voor al die buitenlanders die het Nederlands onder de knie willen krijgen.
Voor de gevorderden (waaronder VZV-leden) is het boek natuurlijk niet bedoeld, maar het verschijnen is vermeldenswaard met het oog op de contacten die jullie mogelijk met nieuwkomers hebben. Het boek is zeker een verbetering in vergelijking met het huidige aanbod. De omschrijvingen zijn simpel en helder -- soms met bijbehorende illustraties -- en de juiste lidwoorden worden in de marge naast alle naamwoorden gegeven. Ook zijn hier en daar teksten opgenomen over de Nederlandse cultuur (Sinterklaas!) of over bredere onderwerpen (verschillen tussen Belgische en Nederlandse overheidsinstanties, telefoonalfabet). Kortom, een boek dat wij allemaal hebben moeten missen, maar dat toch nog de lacune ('iets wat er niet is, maar er wel had moeten zijn') vult tussen de belabberde pocketwoordenboeken en de driedelige Van Dale. |
| Nieuw Lexicon van de Friese schipperij 'skipperstaal' vol schipperscultuur. |
|
Het zou een boek van 240 pagina's worden. Het dijde uit tot een werk van anderhalf keer zo dik. 'Skipperstaal', dat deze zomer tijdens het Skûtsjesilen verschijnt, is de neerslag van 150 jaar Friese schipperscultuur, met woorden uit de periode 1850-2000.
Het Fries van de schippers onder zeil was vol gekruid taaleigen, met eigen woorden voor de allerkleinste onderdelen aan boord en uitdrukkingen voor elk soort wind. Ze kenden dik, dun, dicht, open, klein en groot water, tientallen blokken, vele soorten touw.
|
| Business tips |
|
Wettelijke rente per 1 augustus verlaagd van zeven naar vijf procent
De wettelijke rente wordt met ingang van 1 augustus 2003 verlaagd van zeven naar vijf procent. Omdat de streefdatum van invoering per 1 juli niet haalbaar bleek, treedt het besluit nu in werking op 1 augustus. De wettelijke rente is de rente die de schuldeiser krachtens wet kan vorderen van een schuldenaar die nalatig is in het voldoen van een geldsom. De laatste wijziging van de wettelijke rente vond plaats op 1 januari 2002. Nieuwe Europese factuurvereisten van kracht in 2004 In 2001 is er in Europees verband een richtlijn aangenomen die vanaf 1 januari 2004 de factuurvereisten in Europa harmoniseert. Deze richtlijn geeft u als ondernemer in Europa duidelijkheid welke informatie u verplicht bent te vermelden op facturen die u verzendt of welke informatie u mag eisen op facturen die u ontvangt. Bron: Nieuwsbrief Kamer Koerier (KvK NW Holland) Geld terug voor cartridge en toner
Parc-Ink neemt lege cartridges en toners van inktjet- en laserprinters, faxen en kopieerapparaten in en betaalt hiervoor tussen de EUR 0,30 en EUR 10. De cartridges en toners worden dan hergebruikt. Vanaf 10 stuks kunnen ze gratis worden opgestuurd (naar een antwoordnummer). Vanaf 25 stuks worden ze zelfs gratis opgehaald. De opbrengst kan worden overgemaakt aan de inleveraar zelf, maar ook aan een goed doel.
Bron: Kamerkrant voor ondernemend Amsterdam, september 2003 Wetswijziging Reprorecht
Op 1 februari 2003 is de Wetswijziging Reprorecht in werking getreden. Deze wetswijziging verplicht het bedrijfsleven een vergoeding te betalen voor fotokopiëren van auteursrechtelijk beschermde werken. Stichting Reprorecht is nu door de Minister van Justitie aangewezen om deze vergoedingen te innen.
Afzonderlijke regeling reprorecht zzp'ers
De Vereniging van Zelfstandige Ondernemers zonder Personeel (VZZP) heeft de Stichting Reprorecht gevraagd voor zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) een afzonderlijke regeling voor het reprorecht te treffen. De VZZP vindt dat de aangekondigde regeling voor het reprorecht onevenredig zwaar op zzp'ers gaat drukken. De gronden waarop de heffingen worden gelegd zijn volgens de vereniging onduidelijk. Zo gaat het in dit geval niet om bedrijven waar veel wordt gekopieerd. De VZZP betwijfelt of de regeling kan worden toegepast op zzp'ers.
Bron: Kamerkrant voor ondernemend Noord-West Holland |
| Congressen |
|
2003, 13-14 november, Brussel, Vlaams Parlement:
IIe Nederlandstalig Terminologie Congres Meer informatie is te vinden op www.nlterm.org onder congressen. Van de Vertaalacademie Maastricht ontvingen wij de aankondiging voor het congres '4th International Maastricht-Lodz Duo Colloquium on Translation and Meaning'. Dit congres wordt eens in de vijf jaar georganiseerd door de Vertaalacademie Maastricht in samenwerking met het Department of English Studies van de Universiteit van Lodz (Polen):
2005, May 18-21
2005, September 23-25
|
| Met andere woorden |
|
Op zaterdag 29 november 2003 zijn alle vertalers en tolken uitgenodigd voor het congres 'Met andere woorden' in Utrecht. Twaalf belangenorganisaties van tolken en vertalers zijn met elkaar op weg naar een gezamenlijke branchevereniging voor alle vertalers en tolken in Nederland. Deze twaalf organisaties organiseren samen dit congres, dat in het teken staat van deze branchevereniging in oprichting.
Het congres zal 's morgens geopend worden door minister Donner, die uit de doeken zal doen wat de beleidsvoornemens zijn van de overheid ten aanzien van tolken en vertalers. Professor Hertog uit Antwerpen zal het congres informeren over de Europese ontwikkelingen en Arriën Kruyt zal de laatste stand van zaken over de branchevereniging schetsen. In de middag van het congres zijn er deelsessies over de verschillende inleidingen en tevens deelsessies waar praktische zaken voor vertalers en tolken aan de orde komen, zoals nieuwe technologische ontwikkelingen voor vertalers, het verhogen van het vermogen om opdrachten binnen te halen, ARBO-wetgeving en dergelijke. Het is de bedoeling dat alle vertalers en tolken waarvan het adres bekend is bij een van de betrokken organisaties, een schriftelijke uitnodiging met het programma zullen ontvangen. Als u als tolk of vertaler niet bent aangesloten bij een organisatie, dan stuurt het congresbureau u graag alsnog een uitnodiging. Neem hiervoor contact op met Margriet de Ruiter, zij is telefonisch bereikbaar via 030 - 253 27 28 of per e-mail m.deruijter@fbu.uu.nl. Voor het geld hoeft niemand het te laten. De deelnemersprijs bedraagt EUR 75,- als men zich opgeeft vóór 1 november 2003 en EUR 100,- als men zich later opgeeft. En die prijs is inclusief documentatie, koffie, thee, lunch en een borrel. Reserveer de datum van 29 november 2003 in ieder geval in uw agenda. |
| Stukken W&S over brancheorganisatie vertalers en tolken |
|
Van het bureau W&S ontvingen wij onderstaande drie stukken over een eventueel op te richten brancheorganisatie voor vertalers en tolken.
*W&S Bulletin 2, september 2003
Ondanks de hete zomermaanden is er doorgewerkt aan de voorbereidingen voor het oprichten van de branchevereniging van tolken en vertalers in Nederland. De zes werkgroepen en de stuurgroep hebben ook in deze periode vergaderd, zij het soms in een wat kleinere samenstelling wegens vakanties van deze en gene.
De ontwikkeling en de stukken van de branchevereniging zijn te vinden op de volgende website: groups.yahoo.com/group/BrancheTV (discussieplatform, opgericht door Ton Mácel). Over de structuur van de toekomstige branchevereniging is in grote lijnen overeenstemming. Het wordt een vereniging van natuurlijke personen als leden, waarbij de Algemene Ledenvergadering uiteindelijk het beleidsbepalend orgaan is, dat een bestuur kiest en dat de beleidsplannen en begrotingen goedkeurt. Diepgaand is gesproken over de positie van de vertaalbureaus. Besloten is dat tolken en vertalers, die eigenaar zijn van een vertaalbureau als persoon van harte welkom zijn als lid van de branchevereniging mits zij als persoon over de juiste beroepskwalificaties beschikken. De werkgroep die werkt aan de structuur van de branchevereniging doet de aanbeveling om het voorzitterschap te laten vervullen door een ervaren burgemeester of een oud-politicus, die bereid is om zijn deskundigheid ter beschikking te stellen. Een goede externe voorzitter kan veel betekenen voor een organisatie. Tevens wordt aanbevolen om een volwaardige, betaalde ambtelijk secretaris aan te trekken, die het bestuur inhoudelijk kan bijstaan. Een nog te beantwoorden vraag is hoe de overgang van de huidige situatie naar de branchevereniging wordt geregeld. Waarschijnlijk zullen de huidige verenigingen blijven bestaan totdat de branchevereniging op zinvolle wijze alle taken kan vervullen. Tevens wordt gewerkt aan een beleidsplan voor een periode van drie jaar en een werkplan voor het eerste jaar van de vereniging. Een lastige discussie is het gewenste kwaliteitsniveau van de aangesloten leden. Het behoort bij uitstek tot de taken van een branchevereniging om te garanderen dat de aangesloten leden voldoen aan door de branche geformuleerde kwaliteitseisen. Er blijkt een brede overeenstemming te zijn dat het gewenst is dat een tolk of vertaler ten minste beschikt over een HBO-werk- en -denkniveau. Voor de tolken en vertalers die dat moeilijk kunnen aantonen, moet het mogelijk zijn om door middel van goede toetsen dit niveau vast te stellen. De branchevereniging zal zich ook bezig houden met 'permanente educatie' om te garanderen dat de leden ook in de toekomst hun vak blijven beheersen. Het NGTV trekt de komende maanden een persoon aan, die een inventarisatie maakt van alle bestaande opleidingen en bijscholingen. Aan de hand daarvan kan vastgesteld worden waar zich nog lacunes bevinden in het aanbod. De betreffende werkgroep zal als klankbord fungeren. Een laatste maar niet minder belangrijk onderwerp voor de branchevereniging in wording is een goede erecode en een klachtenregeling als iemand zich niet aan de code houdt. De werkgroep die zich hiermee bezighoudt, heeft zich laten bijstaan door een deskundige van het Nederlands Instituut voor Psychologen, dat al veertig jaar ervaring heeft met dit onderwerp. Uiteraard wordt ook hier niet het wiel opnieuw uitgevonden. Er zal goed gekeken worden naar de bestaande gedragsregels van de betrokken organisaties. *De structuur van de branchevereniging voor tolken en vertalers, Versie 0.7 W&S Concept-notitie ter goedkeuring door de stuurgroep tijdens de vergadering op 24 september 2003. 1. Inleiding Tijdens de eerste vergaderingen van de werkgroep Structuur hebben wij gediscussieerd over de gewenste structuur van de branchevereniging. Deze discussies hebben geleid tot deze versie 0.6, vast te stellen tijdens de vergadering van de stuurgroep op woensdag 20 augustus om 19.30 uur. In deze versie 0.7 zijn de opmerkingen van de vergadering van de stuurgroep verwerkt. 2. Doel De branchevereniging is een vereniging van personen die het vak van tolk en/of vertaler in Nederland beroepsmatig uitoefenen. De vereniging stelt zich ten doel om de belangen van de leden in de ruimste zin van het woord te behartigen. 3. Uitgangspunten De structuur van de branchevereniging moet aan de volgende eisen voldoen:
4. Democratische controle en actieve deelname door de leden
De democratische controle door de leden vindt normaliter plaats door middel van een jaarvergadering, waar het bestuur verantwoording aflegt voor het gevoerde beleid en zijn beleidsplannen voor het volgende jaar aan de leden ter goedkeuring voorlegt. Een normaal onderdeel van beleidsverantwoording houdt in dat de jaarrekening en de begroting aan de leden worden voorgelegd ter goedkeuring.
Een actieve deelname van de leden wordt bevorderd door een goede communicatie tussen bestuur en leden. Het is belangrijk dat het bestuur daar structureel aandacht aan schenkt. Door middel van een mededelingenblad, een e-mailbulletin en het inrichten van een website kunnen de leden regelmatig op de hoogte worden gehouden van het doen en laten van bestuur, secties en commissies. Daarnaast dienen deze communicatiemiddelen er ook voor om ontwikkelingen op het vakgebied te volgen en de kennis en vaardigheden van de leden te vergroten. 5. Bestuur 5.1 Tijd en onkosten
Het kernprobleem voor besturen van brancheverenigingen is om geschikte mensen bereid te vinden voldoende tijd en energie te besteden aan het bestuurswerk. De bestuurders van deze branchevereniging zijn tolken en vertalers die in veel gevallen ook hun eigen bedrijf draaiende moeten houden.
Het is derhalve wenselijk om de bestuurders een vergoeding te geven voor het bestuurswerk. Een volledige honorering behoort echter niet tot de financiële mogelijkheden, omdat er grenzen zijn aan de hoogte van de te innen contributie van de leden.
5.2 Bestuurssamenstelling Op grond van het voorgaande is de volgende samenstelling en portefeuilleverdeling gewenst:
Het bestuur wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris, die geen deel uitmaakt van het bestuur maar wel alle vergaderingen bijwoont. De ambtelijk secretaris geeft leiding aan het secretariaat van de vereniging. De functie van het secretariaat wordt nader omschreven in paragraaf 6 van dit document.
De vice-voorzitter vervangt de voorzitter. In de praktijk ontstaat er vaak een werkverdeling tussen voorzitter en vice-voorzitter. Vaak is de voorzitter meer extern gericht en concentreert de vice-voorzitter zich vooral op de interne taken. De taak van de penningmeester is duidelijk. Goede penningmeesters zijn overigens schaars. De functie van tweede penningmeester komt weinig voor binnen stichtings- en verenigingsbesturen en behoeft derhalve meer toelichting. Het penningmeesterschap is over het algemeen een zware functie, waarvoor moeilijk vrijwilligers te vinden zijn. Een tweede penningmeester verlicht het werk en maakt ook een nadere onderlinge taakverdeling mogelijk. De eerste penningmeester kan zich bijvoorbeeld concentreren op het financieel beleid op de lange termijn en zorgen voor de (meer)jarenbegroting en het financieel jaarverslag. De tweede penningmeester richt zich dan op de boekhouding en de interne financiën van de secties en commissies. De penningmeesters zorgen voor de begroting en het financieel jaarverslag, dat door een accountant moet worden goedgekeurd alvorens het aan de ledenvergadering kan worden voorgelegd. De secretaris van de vereniging heeft tot taak om samen met de voorzitter de bestuursvergaderingen voor te bereiden en om belangrijke brieven te concipiëren en waar nodig te ondertekenen. Hij geeft samen met de voorzitter leiding aan de ambtelijk secretaris. Het bestuurslid belangenbehartiging doet het werk niet alleen, maar zal vaak in overleg met de voorzitter de organisaties naar buiten representeren. Dit bestuurslid moet beschikken over de vaardigheid om te onderhandelen met grote marktpartijen. Het bestuurslid opleidingen is verantwoordelijk voor het in samenspraak met opleidingsinstituten zorgen voor goede opleidingen en bijscholingen. Het bestuurslid toelating en klachtenbehandeling is verantwoordelijk voor een goede toelatingsregeling. Daar zullen gespecialiseerde commissies voor komen, maar het bestuurslid is bestuurlijk hiervoor verantwoordelijk. Het bestuurslid internationaal is er om alle internationale ontwikkelingen te volgen en waar nodig de branche daarvan op de hoogte te houden en ervoor te zorgen dat er tijdig wordt ingesprongen op deze ontwikkelingen. Het ligt in de lijn der verwachtingen dat met name de wet- en regelgeving van de Europese Unie steeds belangrijker wordt voor het beroep van tolken en vertalers. Het bestuurslid communicatie is verantwoordelijk voor een goede communicatie zowel binnen de organisatie als naar buiten. Het succes van een vereniging valt en staat met een goede communicatie tussen bestuur en leden en tussen leden onderling, maar het gaat hierbij ook om zaken als verbetering van het imago van tolken en vertalers en public relations in de ruime zin van het woord. Van alle bestuursfuncties worden profielschetsen gemaakt met een inschatting van de reële belasting in tijd, zodat op grond van heldere criteria bestuursleden gezocht en gevraagd kunnen worden. Het gaat er in de eerste plaats om dat er goede bestuurders gevonden worden. Vervolgens moet er op gelet worden dat er binnen het bestuur in zijn totaliteit zowel tolken als vertalers zijn vertegenwoordigd en dat niet een bepaalde specialisatie in de branche is oververtegenwoordigd. De leden moeten zich in het bestuur kunnen herkennen. 5.3 Werkwijze van het bestuur Een goed bestuur werkt aan de hand van een meerjarenbeleidplan en een jaarplan. Dat voorkomt dat er alleen maar ad-hocbeleid wordt gevoerd en slechts op incidenten wordt gereageerd. Het meerjarenbeleid en het jaarplan moeten worden goedgekeurd door de algemene ledenvergadering, zodat leden en bestuur van dezelfde verwachtingen uitgaan.
Het bestuur zal in principe acht keer
De leden van het bestuur verdelen onder elkaar de secties en commissies. De bestuursleden hoeven niet alle vergaderingen van de betreffende sectie of commissie bij te wonen, maar houden zich wel op de hoogte van wat er speelt binnen een sectie of commissie. Omgekeerd dienen zij als aanspreekpunt voor de betreffende sectie of commissie. 6. Secretariaat Bestuur, secties en commissie hebben behoefte aan ondersteuning door een secretariaat. De beschikbaarheid van financiële middelen bepaalt in hoge mate de mogelijkheden. De grootste organisatie, het NGTV, heeft nu het secretariaat uitbesteed aan een bureau. Het voordeel van uitbesteden is dat daarmee de continuïteit verzekerd is bij ziekte of vakantie van personeel en het bestuur geen directe werkgeversverantwoordelijkheid hoeft te dragen. Het nadeel wordt gevormd door de hoge kosten en het ontbreken van inhoudelijke inbreng. Andere organisaties hebben op andere wijze ondersteuning geregeld of doen het geheel zonder.
Hoewel de begroting nog niet gereed is kan hierover toch wel het een en ander gezegd worden. Uit de discussies in de werkgroepen blijkt dat er behoefte bestaat aan een secretariaat dat deels inhoudelijke ondersteuning biedt en deels administratieve werkzaamheden verricht. Een ruwe inschatting van de financiële mogelijkheden duidt erop dat één ambtelijk secretaris en twee (parttime) administratieve krachten betaald zouden kunnen worden. De ambtelijk secretaris moet iemand zijn die in staat is om beleidsnotities voor het bestuur en voor sommige commissies te schrijven. Indien gewenst moet deze persoon ook bestuursleden kunnen ondersteunen bij externe vertegenwoordigingen van het bestuur.
7. Secties 7.1 Criteria voor secties Het belang van secties is dat daar de kwesties of belangen van een specifieke beroepsgroep binnen de wereld van tolken en vertalers kunnen worden behandeld. Een sectie bestaat uit leden die bij die beroepsgroep horen. De criteria om te komen tot de oprichting van een sectie zijn:
Op grond hiervan is voorshands te denken aan de volgende secties:
Na rijp beraad is besloten om toch niet één grote sectie justitie- en vreemdelingenrechtelijke tolken voor te stellen. Deze sectie zou bevatten de gerechtstolken, de Ind-tolken en de politietolken. Deze sectie zou te groot worden om bestuurbaar te zijn. Omdat al deze secties direct of indirect met het departement van Justitie te maken hebben is het wel gewenst dat er tussen de besturen van deze secties een goed overleg met het bestuur van de vereniging ontstaat om de gezamenlijke belangen goed te kunnen behartigen. Het aantal secties zal niet in de statuten worden vastgelegd om de nodige flexibiliteit in te bouwen. In het beleids- en jaarplan zal worden aangegeven welke secties er zijn en wat hun activiteiten inhouden. Bij de start van de branchevereniging zal rekening worden gehouden met de historisch gegroeide situatie, zodat de vertalers en tolken in de branchevereniging terug vinden wat zij voorhen gewend waren. 7.2 Lidmaatschap van een sectie De vraag is hoe open of besloten een sectie zou moeten zijn. Een besloten sectie bestaat uitsluitend uit personen die op grond van hun kwalificaties als dusdanig geregistreerd staan. Het praktische probleem is dat velen zowel als tolk en als vertaler werken. Anderen zijn bijvoorbeeld zowel werkzaam als IND-tolk en als gerechtstolk. Ook kan het zijn dat iemand in de loop van zijn beroepsleven van richting verandert. Dat pleit voor het openhouden van secties en het toelaten van leden tot een bepaalde sectie op aanvraag. Bij een volledige openheid wordt gevreesd dat bij discussies over belangen, mensen die niet volledig werkzaam zijn binnen een bepaalde sectie de boventoon voeren. Waarschijnlijk is deze vrees ongegrond, omdat in de praktijk mensen zich alleen maar zullen aanmelden voor een sectie als zij daar een beroepsmatig belang bij hebben. Bij discussies over belangen blijkt snel genoeg of de discussie gevoerd wordt door mensen, die volledig in die sfeer werkzaam zijn of niet. 7.3 Werkwijze van secties Een sectie kent een bestuur van drie tot vijf leden die de bijeenkomsten voorbereidt. Ook een sectiebestuur doet er goed aan om een beleids- en werkplan met een bijbehorende begroting op te stellen. Beleidsplan en werkplan worden evenals de begroting ter goedkeuring aan de leden en het bestuur van de vereniging voorgelegd. Het voordeel van secties is dat daardoor een actievere deelname van de leden ontstaat. Het gevaar bestaat dat een sectie zijn eigen leven gaat leiden en los komt te staan van de organisatie. Om dat te voorkomen is het van belang dat elke sectie regelmatig contact houdt met een bestuurslid en dat er regelmatig naar het bestuur en de ledenvergadering wordt teruggekoppeld. Om te voorkomen dat de vereniging uiteenvalt in los van elkaar opererende secties moet worden afgesproken dat besluiten alleen genomen kunnen worden door het bestuur en door de algemene ledenvergadering en dat uitsluitend het bestuur de vereniging naar buiten vertegenwoordigt. Uiteraard zal het bestuur de sectie van tevoren goed raadplegen alvorens een besluit wordt genomen of een belangrijke vertegenwoordiging naar buiten plaatsvindt. 8. Commissies 8.1 Algemeen Behalve secties kent de branchevereniging ook commissies, waarbij een onderscheid gemaakt moet worden tussen permanente, tijdelijke en externe commissies. De commissies werken onder verantwoordelijkheid van een lid van het bestuur. Het bestuur formuleert voor elke commissie een heldere taakomschrijving en stelt indien nodig een begroting voor die commissie vast. De omvang van een commissie is afhankelijk van de aard van te behandelen onderwerpen. Elke commissie kent ten minste drie leden, waaronder een voorzitter en een secretaris. Aan het eind van het kalenderjaar rapporteert elke commissie schriftelijk over de verrichte werkzaamheden. Het bestuur neemt deze rapportages op in het jaarverslag aan de leden. 8.2 Permanente commissies De volgende permanente commissies zijn voorzien:
8.3 Tijdelijke commissies Voor problemen van tijdelijke en niet-structurele aard kan het bestuur commissies in het leven roepen. Bijvoorbeeld een commissie die zich bezighoudt met een wetsontwerp dat aanhangig is. Of een commissie die tot taak krijgt nieuwe eisen voor toelating te formuleren. Het is van belang dat een commissie een duidelijke taakomschrijving van het bestuur meekrijgt en regelmatig terugkoppelt naar het bestuur. 8.4 Externe commissies De branchevereniging zal ongetwijfeld verzocht worden om deel te nemen aan commissies van anderen, bijvoorbeeld aan examencommissies, commissies die de inzet van tolken en vertalers bij grote opdrachtgevers bewaken en aan commissies van de overheid die zich bezig houden met het beroep van tolken en vertalers. Het is van belang dat het bestuur er zicht op houdt wie er namens de branche in een bepaalde commissie deelneemt en dat het betreffende commissielid via een bestuurslid of rechtstreeks regelmatig aan het bestuur rapporteert. Ook deze rapportages horen thuis in de verantwoording die het bestuur aflegt aan de leden van de vereniging. 9. Regio's Vele landelijke ledenorganisaties kennen regio's met een regiobestuur. De functie van regio's is om zaken te bespreken en te regelen die in de betreffende regio spelen, alsmede om leden die ver van het centrum des lands wonen in de gelegenheid te stellen scholingsbijeenkomsten en dergelijke te bezoeken. Het NGTV heeft het land ingedeeld in 10 kringen, die goed functioneren. Deze indeling zou gehandhaafd kunnen blijven. 10. Vertaal- en tolkenbureaus Het lidmaatschap van de branchevereniging staat open voor tolken en vertalers als persoon. De bedoeling is dat de tolken en de vertalers de leden vormen van de branchevereniging en niet de bureaus. Een eigenaar van een vertaalbureau die zelf voldoet aan de eisen van tolk of vertaler kan als persoon lid worden van de branchevereniging, mits hij of zij voldoet aan de criteria voor het lidmaatschap van de brancheverenging. Het is denkbaar dat de vertaal- en tolkenbureaus zelf een vereniging gaan vormen om hun belangen te bundelen. Het is ook denkbaar en wellicht wenselijk dat de tolken en vertalers die ook een vertaalbureau hebben zich in een sectie of commissie binnen de branchevereniging groeperen. Welk model er ook tot stand komt, het lijkt in het belang van tolken en vertalers dat er met de bureaus afspraken worden gemaakt over goede contracten en fatsoenlijke prijzen.
Arriën Kruyt
*W&S -- Overgangsfase, Versie 0.1 1. Inleiding
Nu de Stuurgroep in hoofdlijnen akkoord is met ons voorstel over de structuur van de branchevereniging moeten we ons gedachten gaan vormen over de vraag hoe we van de huidige situatie komen in de gewenste situatie. De vraag die de besturen en de leden zich stellen: wat gebeurt er met mijn huidige vereniging als er straks een branchevereniging tot stand is gekomen?
2 Diverse modellen Ter wille van de gedachtevorming schets ik diverse modellen met per model enkele voor- en nadelen. Er zijn wellicht meer voor- en nadelen dan ik nu kan overzien. Die voor- en nadelen blijken uit de discussie, die we in eerste instantie voeren op maandag 25 augustus. Ik heb nu nog geen uitgesproken voorkeur voor een bepaald model. Ten slotte is ook een combinatie van twee modellen denkbaar als uitkomst van onze discussie. 2.1 Big Bang
Alle verenigingen heffen zichzelf op op dezelfde datum dat de brancheverenging tot stand is gekomen. Het voordeel van een dergelijke aanpak is dat er optimale duidelijkheid is over de vraag wie nu de vertalers en tolken vertegenwoordigen in Nederland. Een voordeel is ook dat het makkelijker zal zijn om de functies van bestuurs- en commissieleden te vervullen. Er verdwijnen immers besturen. Een ander voordeel is dat er maar aan één organisatie contributie hoeft te worden afgedragen.
2.2 NGTV nieuwe stijl Het NGTV is de oudste en grootste organisatie en het is denkbaar dat de andere organisaties fuseren met het NGTV. Een variant met dezelfde uitkomst is dat de andere verenigingen zich opheffen en hun leden adviseren om lid te worden van het NGTV. De branchevereniging komt dan tot stand door het wijzigen van de statuten en het Huishoudelijk Reglement van het NGTV. Een voordeel van dit model is dat de totstandkoming technisch soepeler verloopt dan in het big bang-model. Het voordeel van duidelijkheid over de vraag wie de vertalers en tolken vertegenwoordigen in Nederland is hetzelfde als in het big bang-model. Ook het vinden van personen voor bestuurs- en commissiefuncties wordt makkelijker door het verdwijnen van besturen elders. Het voordeel van één contributie is identiek als in het big bang-model. Dit model valt en staat met de bereidheid van het NGTV om echt een NGTV Nieuwe Stijl te worden en niet een voortzetting van het bestaande NGTV ! Het grootste probleem zou kunnen zijn, dat er hier en daar nog wat oud zeer leeft over het NGTV. Een ander probleem zou kunnen zijn dat er bij het NGTV oud zeer leeft over andere organisaties. Oud zeer is echter overkomelijk met goede wil. De nadelen zijn ook hier dat bestaande organisaties wellicht aarzelen om zich zelf op te heffen zonder zeker te weten dat de branchevereniging een succes wordt en dat de liquidatie van bestaande organisaties tijd en moeite kost. Bij een echte fusie speelt dat laatste probleem minder. 2.3 NGTV+ Het NGTV fuseert slechts met die organisaties, die daartoe bereid zijn. Dat model kan zinvol zijn mits het NGTV+-model leidt tot een wezenlijke vergroting van het aantal leden van het huidige NGTV. Anders geformuleerd: dit model is alleen maar zinvol als enkele grote organisaties fuseren met het NGTV. De voor- en nadelen verschillen niet wezenlijk van die van het model NGTV nieuwe stijl. De organisaties die nog niet willen fuseren volgen wellicht later. 2.4 Branchevereniging + bestaande organisaties
In dit model wordt de brancheverenging opgericht maar blijven alle bestaande organisaties bestaan. Het voordeel is dat de besturen en de leden de kat uit de boom kunnen kijken of de brancheverenging wel slaagt. Gelijktijdig brengt het 'de kat uit de boom kijken' het risico met zich mee, dat er geen betrokkenheid tot stand komt en de branchevereniging bloedeloos wordt.
2.5 Brancheverenging + belofte tot opheffing van bestaande organisaties binnen een jaar. Dit model heeft dezelfde voor- en nadelen als het vorige model met dien verstande dat de nadelen van het vorige model verminderen omdat er dan wel betrokkenheid tot stand komt. 3. Ingroei in secties of apart blijven Bij elk model is het voor de leden van belang, dat zij straks in de secties iets van hun eigen voormalige vereniging kunnen herkennen. Dat vergemakkelijkt de overgang van de oude situatie naar de nieuwe situatie. Ingroei in een sectie zal wellicht niet in alle gevallen mogelijk en wenselijk zijn. Een vraag van mijn kant in dit verband is of er nog echt behoefte bestaat aan aparte vereniging van vrouwelijke vertalers en tolken. De huidige organisaties moeten bij zichzelf te rade gaan over de vraag op welke wijze zij het best kunnen ingroeien in een sectie of wat er zo uniek is aan hun organisatie om apart door te gaan na het tot stand brengen van de branchevereniging.
Arriën Kruyt
|
| Sluitingsdata kopij |
Uw bijdragen voor deze bulletins graag naar bulletin@vzv.info |
| Colofon |
|
Het Bulletin is een periodieke uitgave van de
Vereniging Zelfstandige Vertalers. Algemene correspondentie:
VZV
Het bestuur van de VZV bestaat uit:
Kath Starsmore, voorzitter
Berichten aan het bestuur:
Berichten aan de redactie van het Bulletin:
Berichten aan de commissie permanente educatie:
Berichten aan de commissie publiciteit:
Berichten aan de commissie Europese vertaalnorm:
Berichten aan de IT-commissie (beheer webstek en adresgegevens):
Berichten van leden aan leden:
Voor meer informatie over de VZV:
|