Jaargang 19, nr. 2 - juni 2008

Inhoud
  1. Van de redactie
  2. Bericht van het bestuur
  3. Hoezo 1 april?
  4. Congres "Als u begrijpt wat ik bedoel..."
  5. Technobabbel
  6. Colofon

Van de redactie
In het noorden staat de schoolvakantie voor de deur, dus dit Bulletin valt hopelijk nog net op tijd bij de noorderlingen onder u op de digitale deurmat.
Ook deze keer is het weer bijzonder goed gevuld, mede dankzij de bereidheid van een aantal leden om verslag te doen van verschillende workshops die werden gehouden tijdens het grote congres "Als u begrijp wat ik bedoel..." van 12 juni in de RAI.

Voorafgaand aan deze verslagen besteedt Marianne Kersbergen in het bericht van het bestuur nog eens aandacht aan de niet aflatende inspanningen van PZO, dat de belastingdienst zover heeft weten te krijgen dat het ons wat betreft de VAR nu toch écht makkelijker wordt gemaakt. Dat het op andere terreinen bij deze dienst nog lang niet makkelijk, en zeker niet leuk is leest u in het verhaal van Anneke de Haan over haar aangifteperikelen.
Komt dat nu door de medewerkers of door de computersystemen? Computers kunnen steeds meer en in het laatste verslag van Marcel Lemmens over de sessie "De toekomst van taal, vertalen en tolken" worden wij gewaarschuwd onze automatisch vertalende machineconcurrenten goed in de gaten te houden. Zouden er in het jaar 3408 nog menselijke vertalers zijn? In ieder geval zijn Californische wetenschappers nu al aan het bedenken wat er gedaan kan worden om ervoor te zorgen dat onze teksten over 1400 jaar nog gelezen kunnen worden. Christoph Bouthillier vertelt u in zijn technobabbel hoe zij dat willen doen.

Wij wensen u veel leesplezier en ook alvast een goede zomer(vakantie).

Hanneke Rutges
Saskia Wieberdink
Marcus de Geus

Inhoud

Bericht van het bestuur
Beste collega's,

Het zal jullie niet ontgaan zijn dat er op 12 juni jongstleden een groot congres is gehouden voor tolken en vertalers. Meer dan 300 personen waren op dit door het ministerie van Justitie opgezette evenement in de RAI aanwezig. Het belang van deze dag blijkt ook wel uit het feit dat het bijwonen ervan voor leden van de Orde van Advocaten 5 studiepunten opleverde. Er waren dan ook niet alleen vertalers en tolken aanwezig, maar ook advocaten, officieren van justitie, rechters, hoogleraren, beleidsmedewerkers van het ministerie van Justitie, vertegenwoordigers van opleidingsinstituten, enzovoort.

Dit congres was een soort voorlichtingsdag over de situatie die ontstaat nadat de Wet beëdigde tolken en vertalers in werking is getreden krachtens het hierop betrekking hebbende besluit. Helaas ligt dit besluit (Algemene Maatregel van Bestuur) op dit moment nog bij de Raad van State voor advies en zoals het er nu uitziet, moeten we nog tot dit najaar geduld hebben. Dit neemt niet weg dat diverse sprekers vanuit het ministerie van Justitie -- zij het met het nodige voorbehoud -- informatie gaven over de situatie en de wijzigingen die de wet met zich meebrengt.
Hanneke Kerkhoven heeft namens de VZV een inleiding gegeven over de 'eisen gesteld aan de beëdigde vertaler/vertaling'. Een aantal van de aanwezige VZV-leden is zo attent geweest om ten behoeve van de niet-aanwezige leden verslag te doen van de door hen bijgewoonde inleidingen. Al deze verslagen staan elders in het bulletin.

Zelf heb ik met veel belangstelling geluisterd naar de presentatie van de Orde van Advocaten waarin werd verteld hoe de Orde controleert of de leden blijven voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen. Vooral de door hen ingestelde peer review lijkt als twee druppels water op het voorstel dat onze vorige voorzitter, Kath Starsmore, enkele jaren gelden heeft gedaan met het oog op ad-hoctoetsing van VZV-leden. Helaas waren de leden toen niet enthousiast of misschien was de tijd nog niet rijp.

Over de VAR kan bericht worden dat de inspanningen van PZO op dit gebied een paar vruchten hebben afgeworpen. Allereerst gaat de Belastingdienst meer eenheid in het beleid creëren door binnenkort alle VAR-aanvragen alleen in Winterswijk af te handelen, waardoor de regels eenduidiger zullen worden toegepast. Bovendien wordt het -- zeer waarschijnlijk al vanaf september dit jaar -- mogelijk om een VAR digitaal aan te vragen. Dan hoeven we dus niet langer het op de website van de belastingdienst ingevulde aanvraagformulier af te drukken en per post op te sturen. Verder is het ook zo goed als zeker dat iedereen die 3 achtereenvolgende jaren een VAR heeft verkregen, deze vanaf januari 2011 automatisch van de belastingdienst krijgt toegestuurd.

PZO blijft zich krachtdadig inzetten voor een betere positie van de zelfstandige ondernemer en voert een intensieve lobby bij de overheid. Een aantal van de adviezen van PZO, waaronder het niet-instellen van een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering, is overgenomen tijdens het vervolg Algemeen Overleg zelfstandig ondernemerschap in de Tweede Kamer van 15 mei. Dit overleg tussen de Tweede Kamer en de Staatssecretarissen van Economische Zaken, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Financiën krijgt een dezer weken een vervolg. Voor VZV-leden zijn met name een aantal van de door PZO ingebrachte aandachtspunten, waaronder de regeling studiekosten, werkkamer aan huis, urencriterium, werken na je 65ste en dergelijke, specifiek van belang.

Inmiddels is de vergaderlocatie voor onze volgende ALV op 31 oktober vastgelegd. Onze algemene ledenvergadering met aansluitend programma vindt plaats in Enkhuizen in het Zuiderzee Museum. Vanwege de afstand is besloten om vroeg te beginnen (13.30 uur), zodat ook de deelnemers aan het buffet op tijd terug naar huis kunnen reizen (20.30 uur).

Zoals jullie weten loopt mijn termijn als voorzitter af en treed ik op de algemene ledenvergadering van 31 oktober aanstaande uit het bestuur. Er hebben zich bij het bestuur nog geen kandidaten voor mijn opvolging gemeld. De tijd begint te dringen. Tussen al die ondernemende mensen die onze vereniging rijk is, moet het nieuwe gezicht van de VZV gemakkelijk te vinden zijn, toch?

Namens het VZV-bestuur

Marianne Kersbergen,
voorzitter

Inhoud

Hoezo 1 april?
Anneke de Haan-Couzy
Als je moppert over de nota van je belastingadviseur en overweegt te proberen de klus volgend jaar zelf te klaren: weet waar je aan begint!

Tegen de tijd dat jullie dit lezen ligt de deadline voor belastingaangifte al lang achter ons, al valt te vrezen dat de chaos bij de desbetreffende dienst nog lang niet over zijn hoogtepunt heen zal zijn. Wie ervoor uit durft te komen dat hij bij die club werkt riskeert waarschijnlijk "spot en hoon" als zijn beroep ter sprake komt, maar dit terzijde.

Ziehier een samenvatting van recente ervaringen in huize De Haan.
Zoals te doen gebruikelijk verzonden wij begin februari een tweetal brieven waarin wij (leve de individuele aanpak!) verzochten om onze respectievelijke inlevertermijn voor de aangifte IB over 2007 te verlengen tot 1 juli 2008, met als slotzin "Tevens verzoek ik u mij schriftelijk te bevestigen dat dit verzoek is ingewilligd." Hierna kwam... radiostilte!
Omdat contact zoeken met de belastingtelefoon een tijdrovende bezigheid is belde mijn echtgenoot pas op 7 maart en kreeg hij tot zijn verbijstering te horen dat hem over 2007 geen uitnodiging verzonden was omdat hij over 2007 niet belastingplichtig zou zijn. "U mág natuurlijk wel aangifte doen" werd er vriendelijk aan toegevoegd.
In een daaropvolgend gesprek kreeg ondergetekende het advies "door inloggen op uw persoonlijk domein" te controleren of er al uitstel was verleend. Het stond namelijk nog niet in het systeem en ik had toch binnen 10 werkdagen een reactie moeten ontvangen. Na enig aandringen mijnerzijds werd een verzoek "contact opnemen met de klant" in het systeem gezet. Inderdaad werden wij twee dagen later opgebeld met de mededeling dat mijn verzoek niet in Heerlen was ontvangen. Oei, bleek ik hun 'uitnodiging' niet goed gelezen te hebben. Mevrouw, u krijgt binnen 10 werkdagen uitsluitsel, werd er troostend aan toegevoegd.
Quod non!

Mede dankzij de discussie afgelopen zaterdag binnen de Franse sectie, besloot ik nog eens "mijn belastingdienst" te bezoeken. Een geluk bij een ongeluk, want mijn op 29-01-2008 ingediende jaaraangifte OB (BTW) bleek inmiddels foetsie te zijn. Met behulp van de print-out kon ik dit "verzuim" (van wie eigenlijk?) snel herstellen. Verder geen nieuws.

Dus grepen wij op maandagochtend 31 maart om 8.30 uur de telefoon in de hoop dat (telewerkende?) functionarissen ons fris en fruitig te woord zouden kunnen staan. Eerst kwam er een mevrouw die eigenlijk oud nieuws vertelde: "Meneer is niet verplicht aangifte te doen, en hoeft dus ook geen uitstel aan te vragen. Als hij dat toch wil doen, is dat zijn keuze." Onze wedervraag of de belastingdienst dan ook niet hoeft te reageren op een brief houdende een -- al dan niet overbodig -- verzoek om uitstel, bleef helaas onbeantwoord.
In de tweede ronde (want A is "ondernemer" -- zij het bijna in ruste, maar weten zij veel) kwam een vriendelijk heerschap wederom aandragen met de bekende termijn van 10 werkdagen waarbinnen enz. Hij gaf mijn verzoek stante pede door aan een collega ("bedankt voor het wachten, mevrouw"); deze zou uitzoeken onder welke afdeling ik ressorteerde (in mijn verbouwereerdheid vergat ik nog te roepen "Apeldoorn", maar het is de vraag of dat geholpen had) en... "dan krijgt u binnen 2 dagen een telefonische reactie."

Hèhè...

Wordt (misschien?) vervolgd

Inhoud

Congres "Als u begrijpt wat ik bedoel..."
Marianne Kersbergen heeft er in haar Bericht van het bestuur al melding van gedaan: een aantal VZV-leden heeft op 12 juni het congres voor tolken en vertalers in de RAI bezocht; zij hebben van een deel van de workshopsessies en van het afsluitende praatje verslagen gemaakt, die u hieronder aantreft.
Overigens zijn van een aantal lezingen en workshops documenten en presentaties te vinden op de website www.ktv.rvr.org/bk/congreswbtv.cfm. Dit geldt bijvoorbeeld voor de overzichtelijke ochtendlezing 'De Nieuwe Wet en het Kwaliteitsregister concreet' van drs. Han von den Hoff, coördinator Kwaliteitsregister Tolken & Vertalers, die een goed beeld geeft van de huidige stand van zaken.

Workshop 1: Het register beëdigde tolken en vertalers
Presentatie: Pieter Bart Giebels, stafmedewerker, Kwaliteitsregister Tolken & Vertalers
Verslag van Saskia Wieberdink

De Powerpoint-presentatie van Pieter Bart Giebels staat op bovengenoemde website van het Kwaliteitsregister Tolken & Vertalers.
Ik beperk mij ertoe enkele zaken te noemen die niet vermeld zijn in de presentatie.

Het viel mij op dat de heer Giebels al tamelijk concreet was over de voorwaarden waaraan vertalers en tolken moeten voldoen om te worden ingeschreven in het Register beëdigde tolken en vertalers (Rbtv), terwijl wij ons wel moeten realiseren dat de Algemene Maatregel van Bestuur die de Wet beëdigde tolken en vertalers nader moet uitwerken, nog niet definitief is (het ontwerpbesluit staat op de site www.ktv.rvr.org); bovendien is deze AMvB nog tamelijk vaag (veel moet worden uitgewerkt door de 'commissie tolken en vertalers', die belast zal zijn met taken ten behoeve van de kwaliteit van ingeschreven tolken en vertalers). De door de heer Giebels verstrekte informatie is dus nog niet definitief!
Voor inschrijving moet je in principe een tolk/vertaalopleiding op minimaal hbo-niveau hebben afgerond. Voor wie niet aan deze eisen voldoet, is beoordeling per competentie mogelijk. De vereiste competenties zijn: tolk/vertaalattitude, taalvaardigheid brontaal, taalvaardigheid doeltaal, kennis cultuur land brontaal, kennis cultuur land doeltaal., tolk/vertaalvaardigheid en integriteit (het is m.i. merkwaardig dat attitude en integriteit worden bestempeld als 'competentie' op hbo-niveau). Men beraadt zich nog volop over de wijze waarop per competentie kan worden bepaald of het vereiste niveau aanwezig is; uit een voorbeeld dat de heer Giebels gaf, maakte ik op dat ervaring hierbij wel degelijk een rol kan spelen.
Vertalers en tolken worden -- mits de vereiste competenties aanwezig zijn -- ingeschreven voor de taalvaardigheidscombinatie waarvoor zij zich aanmelden: het is ook mogelijk je in te schrijven voor een talencombinatie waarin Nederlands niet voorkomt, bijvoorbeeld Engels <=> Frans of Spaans <=> Duits. Je kunt je ook aanmelden voor een 'eenrichtingscombinatie' als Engels => Nederlands.
De overgangsregeling: degenen die voorlopig of definitief bij het KTV zijn ingeschreven hoeven niet aan de eisen t.a.v. competenties te voldoen -- afgezien van de verklaring omtrent het gedrag (vog) , die bij de eerste inschrijving én steeds bij de verlenging moet worden overlegd. Ook nog niet bij het KTV ingeschreven beëdigd vertalers vallen onder de overgangsregeling. Tot 2 jaar na de inwerkingtreding van de Wet kan men profiteren van de overgangsregeling. Vertalers die reeds bij het KTV zijn ingeschreven, zullen hierop worden geattendeerd. Mij lijkt dat de categorie niet-ingeschreven beëdigd vertalers alert moet zijn, omdat hun gegevens niet bij het KTV bekend zijn -- maar VZV-leden worden via de beroepsvereniging natuurlijk op de hoogte gehouden.
Na vijf jaar moet de inschrijving in het Register worden verlengd. Dit kan indien men opnieuw een vog overlegt, binnen deze vijf jaar ten minste 10 professionele opdrachten heeft uitgevoerd, leges ad EUR 75,-- betaalt en 15 PE-punten heeft behaald (wat een PE-punt precies inhoudt, is nog niet bekend).

Workshop 4: Kwaliteitseisen vanuit de advocatuur
Presentatie G. Schakenraad, voorzitter Stichting Viadicte en Rob Kreuze, secretaris Viadicte
Verslag van Marianne Kersbergen

De Orde van Advocaten is in 1952 door wetgeving tot stand gekomen en is een PBO (publiekrechtelijk orgaan).
Hiermee kwam een door de overheid gestuurde en verplichte vorm van samenwerking tussen een aantal zeer diverse groeperingen advocaten tot stand.
Er zijn 15.000 advocaten werkzaam in 3762 advocatenkantoren, waarvan 1798 eenmanszaken.

De Orde van Advocaten heeft een viertal basisprincipes.

  1. Toetsbare zelfregulering.
    Het controleren van kwaliteit en integriteit kan het best door de beroepsgroep zelf worden geregeld, maar de overheid mag daar een beloning tegenoverstellen in de vorm van facilitering, organisatiestructuur, financiering e.d.
  2. Marktwerking.
    Hierbij is van belang te onderkennen dat er al snel sprake is van informatie-asymmetrie. Dat wil zeggen dat een rechtzoekende geen inzicht heeft in de deskundigheid of het specialisme van een advocaat. De kwaliteit van het aanbod moet op basis van objectieve criteria transparant gemaakt worden.
  3. Garantie van toegang burgers tot de advocatuur.
    Dit wordt door het systeem van toevoeging door de overheid zeker gesteld.
  4. Ontwikkeling van standaards.
    Bepaalde zaken worden niet langer als maatwerk (= duur) in de markt gezet, maar als een product met een standaardprijs. Dit geldt bijvoorbeeld voor echtscheidingen.

In 1999 is door de Orde van Advocaten de stichting Viadicte opgericht met als doel de ontwikkeling van kwaliteitseisen.
In de loop der jaren zijn onder meer een keurmerk en kwaliteitsinstrumenten tot stand gekomen. De stichting Viadicte heeft een keurmerktabel opgesteld en op basis van objectieve criteria een omschrijving gegeven van kwaliteit, waarbij wordt gekeken naar kennis, integriteit, kantoorvoering (proces) en resultaat. In 2001 vond de eerste audit plaats.
In 2006 is voor het eerst gestart met peer review. Hiervoor heeft de stichting onderzoek gedaan naar de situatie in Amerika, Engeland en Schotland. Uiteindelijk is gekozen voor een structuur naar analogie van het Schotse systeem. Dit is een basissysteem waarbij niet wordt getoetst op specialisme en niet op hoge eisen, maar op een gemiddeld basisniveau. Specialismen en hogere kwaliteitseisen worden gesteld voor het lidmaatschap van de specialistenverenigingen die deel uitmaken van de Orde van Advocaten.
Het initiatief voor peer review is ontstaan vanuit de beroepsgroep en is niet van bovenaf opgelegd. Dit is essentieel gebleken voor een goede werking en voldoende medewerking.

De Orde van Advocaten heeft nu twee soorten controles.

  1. Audit. Dit is een zware procedure waarbij een kantoor gedurende een paar dagen aan de hand van een controlelijst wordt doorgelicht door PriceWaterhouseCoopers. Het accent van de controle ligt op de kwaliteit van het proces en een goede uitkomst is niet per definitie een garantie voor de kwaliteit van de aan de klant geleverde dienst. Deze controle wordt vooral toegepast op de grotere advocatenkantoren en wordt door hen als een uitstekend kwaliteitskeurmerk ervaren.
  2. Peer review. Deze controle op dossiers geschiedt achteraf door een reviewer, waarbij een gemiddeld niveau als basis geldt. Een reviewer is een voor dit doel getrainde en geselecteerde advocaat uit een andere regio dan de beoordeelde advocaat, die werkt op basis van een a-selecte dossierbeoordeling. De dossiers zijn niet anoniem, maar advocaten zijn gebonden aan geheimhouding en in de opdrachtbevestiging aan de klant wordt vooraf gemeld dat de mogelijkheid bestaat dat zijn dossier op kwaliteit wordt beoordeeld. De reviewer stelt een rapport op en doet een aanbeveling aan de kwaliteitscommissie. Bezwaar tegen de uitslag is mogelijk. Voor bepaalde rechtsgebieden (strafrechtzittingen, psychiatrie) waarbij een zaak veelal mondeling wordt afgehandeld is een goede beoordeling nog niet mogelijk. Peer review wordt vooral toegepast bij kleinere kantoren en eenmanszaken. Deze ervaren het, vanwege de feedback, als een uitstekend middel om zichzelf te verbeteren en te onderscheiden.

Workshop 6: Aanvullende competenties
Verslag van Susanne Bittner

Sessie 6 werd geleid door dezelfde spreker als de plenaire inleiding over 'De nieuwe Wet en het Kwaliteitsregister concreet', de heer Von den Hoff. Het onderwerp van deze sessie was 'Aanvullende competenties'. Omdat ik de heer Von den Hoff 's ochtends heel duidelijk en met grondige kennis van zaken vond spreken, heb ik het er maar op gewaagd, ook al was het onderwerp me nog niet geheel duidelijk. In de sessie bleek dat deze toch anders van opzet was. De heer Von den Hoff hoopte namelijk dat er ook vanuit het publiek een inbreng zou zijn met betrekking tot de aanvullende competenties, omdat daarover nog niet veel bekend is. Het gaat daarbij over Artikel 2, lid d van de Wet, de 'overige specifieke bekwaamheden'. Het is nog niet duidelijk ingevuld wat daaronder zal gaan vallen, of een streekgebonden taalvariant daar bijvoorbeeld ook onder valt. Op het gebied van de tolken, en daarvan zaten er toch veel meer in de zaal, zou je bijvoorbeeld aan simultaantolken, taptolken of telefoontolken kunnen denken, verder ook nog aan bepaalde tekstsoorten. Volgens de systematiek van de Algemene Maatregel van Bestuur is het de bedoeling dat het Kwaliteitsinstituut de wensen van opdrachtgevers en tolken en vertalers op dit gebied inventariseert, adviseert over de aanvullende bekwaamheden en dat de Raad van Rechtsbijstand daarvoor dan een lijst van deze competenties en criteria vaststelt. Hier werd de discussie wat warrig doordat er behoorlijk veel inbreng was op basis van vroegere ervaringen, terwijl het juist de bedoeling was om in kaart te brengen hoe het in toekomst beter zou kunnen. Ook had ik wat moeite met sommige stellingen, bijvoorbeeld "dat het werk van tolken, anders dan van vertalers, toch niet te controleren was". Men was het er wel over eens dat kennis makkelijker te toetsen is dan vaardigheden, en dat er een systeem van permanente educatie zou moeten komen om de competenties te trainen. Zodoende zou het kwaliteitsregister feitelijk een 'marketing-instrument' voor tolken en vertalers kunnen worden. Jammer genoeg hield ik aan deze sessie als vertaler toch een beetje een onbevredigd gevoel over, de volgorde 'tolken en vertalers' blijkt overduidelijk welbewust zo gekozen. Mocht iemand zich toch nog in de aanvullende competenties willen verdiepen, dan zou ik de sheets op de site van het congres aanbevelen.

Workshop 7: Tolk gebarentaal en schrijftolk
Presentatie Beppie van den Bogaerde, docente Tolken Gebarentaal en Schrijftolken aan de Hogeschool Utrecht en Josje Muntendam, secretaris Nederlandse Beroepsorganisatie Tolken Gebarentaal (NBTG)
Verslag van Marianne Kersbergen

Tolken Nederlandse Gebarentaal (NGT)
Het beroep tolk gebarentaal is nog jong en ontwikkelde zich pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw tot een echte professie. In Nederland weten de meeste mensen wat een "doventolk" is. De term doventolk wordt in Nederland nog wel gebruikt, maar de correcte term 'tolk gebarentaal' is de afgelopen jaren steeds gangbaarder geworden.

De HBO-opleiding voor Tolken Gebarentaal bestaat sinds 1998; in 2001 zijn de eerste tolken afgestudeerd op bachelor niveau.
Tolken gebarentaal kunnen tijdens het spreken simultaan gebarentaal gebruiken, zonder de spreker te storen. Een ander kenmerk van het gebruik van gebaren is, dat deze tegelijkertijd met een gesproken woord kunnen worden geproduceerd. Sommige doven prefereren deze vorm van communicatie: terwijl de tolk Nederlands praat (zonder de stem te gebruiken), worden gebaren gemaakt ter visuele ondersteuning. Deze vorm wordt Nederlands met Gebaren (NmG) genoemd.

De Nederlandse Beroepsvereniging Tolken Gebarentaal (NBTG) behartigt de belangen van tolken gebarentaal en schrijftolken in Nederland. De NBTG doet dit onder meer door overleg te voeren met haar leden en de verantwoordelijke ministeries, overheidsinstanties en organisaties in het werkveld. De NBTG heeft tijdens haar twintigjarig bestaan hard gewerkt aan de professionalisering van het beroep. De oprichting van het onafhankelijke register tolken gebarentaal was een van de grote stappen op weg naar het bevorderen en bewaken van kwaliteit.

De Stichting Register Tolken Gebarentaal (RTG) is in 2001 opgericht door de NBTG. Het is een onafhankelijke stichting die geen onderdeel is van de NBTG. Het doel van het register is het bewaken en bevorderen van de kwaliteit van tolken gebarentaal en schrijftolken. Tolken gebarentaal en schrijftolken dienen ingeschreven te staan in het register om betaald te krijgen voor hun werkzaamheden binnen de tolkvoorziening. Dove mensen hebben in Nederland namelijk recht op vergoeding voor een tolk, de financiering is anders georganiseerd dan bij gesproken taal tolken. Om ingeschreven te kunnen worden en blijven moeten de tolken voldoen aan bepaalde voorwaarden: een diploma van de HBO-tolkopleiding en het volgen van nascholing (elke drie jaar zestig uur) is vereist.
Op dit moment staan er 281 tolken Nederlandse Gebarentaal en schrijftolken geregistreerd in het Register Tolken Gebarentaal.

Dovengemeenschap
De dovengemeenschap is niet homogeen. We onderscheiden (ernstig) slechthorenden, doofblinden, doofgeborenen, plotsdoven en laatdoven. Deze laatste groep heeft vaak progressieve doofheid -- naarmate men ouder wordt, wordt men dover of meer slechthorend -- en tegenwoordig krijgen bv. veel jonge mensen hoorproblemen door o.a. te harde muziek. Plotsdove mensen zijn horenden die doofheid oplopen door bv. een ongeluk of door ziekte. De beheersing van het gesproken en geschreven Nederlands door laat- en plotsdoven is over het algemeen goed. Ze kunnen zelf meestal verstaanbaar spreken, maar hebben ondersteuning nodig om toegang te krijgen tot het gesproken woord.

De Nederlandse Gebarentaal (NGT)
De NGT is een jonge taal, die lang onderdrukt is geweest. De NGT is voor plm. 10.000 gebaren gestandaardiseerd. Deze gestandaardiseerde gebaren worden voornamelijk gebruikt in het onderwijs en in NGT cursussen voor horende ouders en professionals. Dove mensen zelf krijgen hier echter meestal geen onderricht in; het gevolg is dat het taalgebruik en het lexicon van doven ouder dan plm. 16 jaar zeer divers is. Het lexicon van de NGT is nog beperkt -- lang niet alle registers worden gebruikt door de gebarentaalgebruikers.
De Nederlandse Gebarentaal (NGT) wordt gebruikt door een zeer heterogene taalgemeenschap. Een kleine groep dove kinderen van dove ouders verwerft de NGT als eerste taal. De gebarentaalverwerving is dan hetzelfde als de verwerving van een gesproken taal door horende kinderen. De meeste dove kinderen (95%), echter, hebben horende ouders en krijgen vaak alleen het gesproken Nederlands aangeboden.

Tolken Gebarentaal in de praktijk
Het is van groot belang dat er voldoende tijd wordt genomen voor voorbereiding voorafgaand aan de tolksituatie. De tolk dient voldoende tijd te krijgen om vooraf informatie te geven aan de aanwezige personen die nog geen ervaring hebben met het werken met een tolk gebarentaal. Bij het tolken neemt de tolk namelijk achtereenvolgens de rol van de diverse personen aan (het zogenaamde rol nemen). Daarbij komen visuele aspecten aan de orde, die door de horende gesprekspartner gemakkelijk verkeerd begrepen kunnen worden. Ook is het in de dovencultuur gebruikelijk dat de dove tegen de tolk knikt als bevestiging dat hij de tolk heeft begrepen. De horende die dit ziet, kan dit gemakkelijk verkeerd opvatten als een 'ja' in antwoord op de gestelde vraag.
Daarnaast moet de tolk vooraf ook de gewenste communicatiemethode afstemmen met de dove persoon en moet de positionering van de tolk ten opzichte van de dove en de horende gesprekspartner worden georganiseerd. Het spreekt vanzelf dat de dove de tolk goed moet kunnen zien.

Workshop 8: Verklaring omtrent gedrag (vog) en de integriteitseisen aan tolken en vertalers
Presentatie mr. Marjolein van de Wiel, senior medewerker, COVOG, Ministerie van Justitie
Verslag van Kath Starsmore

Wat de vog-sessie betreft, deze was kort maar krachtig en mondde uit in -- hoe kan het anders -- discussies over tolkzaken.
Ik heb de volgende punten genoteerd.

Per 1 juli gelden er nieuwe beleidsregels, die in feite nu al gehanteerd worden.
De vog kan bij de eigen gemeente worden aangevraagd en kost EUR 30,05. De procedure neemt ongeveer 4 weken in beslag. Hoewel je voor het Register eens per 5 jaar een vog moet overleggen, let niets je om tussentijds een nieuwe aan te vragen.
Gezien de hoge integriteitseisen die gelden voor tolken en vertalers wordt over 10 jaar teruggekeken (normaal 4). Informatie mag niet alleen bij JustID worden opgevraagd, maar ook bij de politie en het OM.
Vanwege de soms vertrouwelijke informatie waarmee ze te maken krijgen, worden T/V goed gecontroleerd op delicten zoals fraude/vervalsing/zeden.
Aanvragen worden op subjectieve en objectieve criteria beoordeeld. Bij twijfelgevallen wordt een belangenafweging gemaakt.
Tot slot:
Tegen een beschikking is bezwaar mogelijk.
De vog is een momentopname en alleen het criminele verleden wordt gescreend.

Workshop 9
Presentatie drs. Roelof van Deemter, Projectmanager taaltoetsing Talencentrum, Universiteit Leiden, voormalig lid Kernteam met portefeuille toetsing, voormalig lid Commissie Jurgens
Verslag van Marcel Lemmens

De oorspronkelijke titel van de presentatie van Roelof van Deemter was 'De rol van toetsing in professionalisering en (bij)scholing'. Die had hij veranderd in 'Het belang van toetsing in het proces van professionalisering'. Daarmee benadrukte hij het gewicht van (1) een duidelijke afbakening van de voor tolken en vertalers vereiste kennis, vaardigheden en attitude (KVA) en (2) een valide toetsing voor de professionalisering van het beroep. En professionalisering definieerde hij als "een proces waarin een beroepsgroep zich om hoofdzakelijk economische redenen tracht te onderscheiden van andere beroepsgroepen en van beroepsbeoefenaren die ondermaats presteren." Die professionalisering vergroot de kans op onder andere maatschappelijke erkenning van het vak en effectieve bewaking van de toegang tot het beroep. Maar... de beroepsgroep is sterk verdeeld, er is geen eenduidig standpunt t.a.v. KVA, er is weinig structurele afstemming tussen beroepsgroep en bijvoorbeeld onderwijs en afnemers, er is in Nederland geen sterk academisch fundament voor het beroep, en het ontbreekt aan evaluatie en validatie.

Van Deemter sprak de hoop uit dat de nieuwe 'Wet beëdigde tolken en vertalers' een sprong voorwaarts zal zijn. Er zal onder andere een aanzuigende werking vanuit gaan, er ontstaat waarschijnlijk een bij- en nascholingsaanbod, er zullen toetsinstrumenten moeten worden ontwikkeld voor de KVA voor toelating tot het Register, en er komt een klachtenregeling. Dat is allemaal goed voor het vak en de kwaliteit van het geleverde werk. Toch is er nog steeds geen consensus over de KVA. Er zou vooraf een inhoudelijke rechtvaardiging moet zijn, maar die is voor het beroep van tolken en vertalers niet zo eenvoudig, omdat bijvoorbeeld niet altijd sprake is van een methodische werkwijze. Daar komt bij dat het oordeel over het werk vaak een subjectief karakter heeft. Het sluitende bewijs van 100% validiteit kan daarom niet geleverd worden. Dat neemt niet weg dat gepoogd zal moeten worden gezamenlijk de subjectiviteit zo ver mogelijk terug te dringen.

Workshop 10: De markten van tolken
Presentatie Flóra Felsö, onderzoekster, Faculteit Economie en Bedrijfskunde, Universiteit van Amsterdam
Verslag van Marcel Lemmens

Flóra Felsö speelt zelf geen actieve rol in de tolk- en vertaalmarkt. Zij is econoom en heeft een grootschalig onderzoek uitgevoerd onder tolken die actief zijn in het publiek domein. Tijdens de presentatie belichtte zij drie aspecten uit haar rapport (Tolken in het publiek domein): het zoekprobleem van opdrachtgevers, de orderportefeuille van tolken en tarieven.

Opdrachtgevers blijken de voorkeur te geven aan een duidelijk aanspreekpunt. Dat vermindert hun zoektijd met de helft. De orderportefeuille van tolken blijkt niet al te goed gevuld te zijn. Nu zijn er wel verschillen tussen de diverse talen (voor Marokkaans bestaat bijvoorbeeld een vrij goede markt), maar tolken die werken met de belangrijkste Europese talen hebben per week gemiddeld niet meer dan 8 tot 9 uur betaald werk. Zij dienen hun tolkactiviteiten aan te vullen met andere werkzaamheden (vooral vertalen en lesgeven) om rond te kunnen komen. Blijkbaar is er dus voldoende aanbod op de markt. En dat betekent dan ook meteen dat de tarieven onder druk kunnen blijven staan. Volgens Flóra Felsö worden de tarieven in de tolkenmarkt vooral bepaald door de inkopers. Het is dus geen kwaliteitsprobleem (de afnemers zijn eigenlijk altijd tevreden over de geleverde prestaties, ook als beroepsbeoefenaren zelf bepaalde prestaties onder de maat vinden), maar een inkoopkwestie. Er worden, mede vanwege het feit dat het vooral gaat om publieke afnemers die met vaste budgetten moeten werken, maximumtarieven gegeven. Die afnemers zien geen structurele tekorten en daarom kunnen ze blijven doorgaan op de ingeslagen weg.

De werkgroep van Flóra Felsö heeft ook nog gekeken naar wat volgens haar vergelijkbare beroepen zijn: logopedisten, diëtisten en oefentherapeuten (allemaal hbo'ers). De tarieven van deze beroepsbeoefenaren liggen tussen EUR 54 en EUR 86,40. Daar steken de tolktarieven van EUR 43,89 tot EUR 49,20 een beetje schraal bij af. Maar ja: als er genoeg aanbod is...

De sessie eindigde overigens vrij rommelig, doordat enkele tolken het niet konden laten hun beklag te doen over de manier waarop zij door de overheid zijn behandeld. In het Engels heb je daar een uitdrukking voor: 'barking up the wrong tree'. Dat is dus klagen aan het verkeerde adres.

Het volledige onderzoek met alle cijfers en tabellen staat op de site van SEO economisch onderzoek: www.seo.nl/nl/publicaties/rapporten/2007/986.html. Een aanrader voor iedereen die tolkt.

Workshop 12. Eisen te stellen aan de vertaler (beëdigd of niet)
Verslag van Saskia Wieberdink

Uitgebreide informatie over de door ons lid Hanneke Kerkhoven gegeven presentatie is te vinden op de website van het KTV (www.ktv.rvr.org/bk/congreswbtv.cfm). Het betreft de Powerpoint-presentatie en drie pdf-bestanden: eisen aan de vertaler, eisen aan de beëdigde vertaling en documentatie over de eisen die aan de vertaler worden gesteld vanuit verschillende bronnen: de nieuwe Wet, de nieuwe Europese norm, de Europese Commissie, de beroepsorganisaties en de praktijk (opdrachtgevers van de vertaler).

Ik vond het een prima presentatie, die een uitstekend beeld geeft van theorie en praktijk. Het is jammer dat het publiek -- voor zover ik kon nagaan -- vooral uit vertalers bestond. De workshop zou met name waardevol zijn voor niet-vertalers, die vaak totaal niet op de hoogte zijn van deze materie.

Laatste sessie: De toekomst van taal, vertalen en tolken
Verslag van Marcel Lemmens

De slotsessie van de dag was een half uurtje koffiedikkijken door futuroloog Arjen Kamphuis. Hij is van huis uit natuurkundige en ict'er en heeft persoonlijk niets met tolken of vertalen, maar speciaal voor de gelegenheid had hij zich verdiept in ontwikkelingen die mogelijkerwijs (vergaande) gevolgen kunnen hebben voor ons beroep. De strekking van zijn verhaal was: de technologische ontwikkelingen verlopen in versneld tempo, maar je weet nooit op welke plaats in de steeds verder oplopende curve je je bevindt. Dat weet je pas achteraf. Om aan te geven hoe sterk de technologie zich de afgelopen veertig jaar heeft ontwikkeld, liet hij een foto zien van de supergeavanceerde computer waarmee zijn vader werkte (een enorm groot zoemend monster met een capaciteit die kleiner was de gemiddelde huidige pc) en zijn eigen mobieltje, dat vele malen krachtiger is en veel meer mogelijkheden biedt dan het monster van vier decennia geleden. Om te laten zien wat de technologie in petto heeft voor tolken en vertalers liet hij een demo op YouTube zien waarop iemand met behulp van spraaktechnologie eenvoudige vertolkingen in het Duits en Frans van zijn ingesproken Engelse teksten kreeg.

We kunnen natuurlijk wel denken dat 'automatisch vertalen' ver van ons bed is, maar gezien het razendsnelle tempo waarin de technologie zich ontwikkelt, lijkt het in ieder geval verstandig goed om je heen te blijven kijken om te zien of de concurrentie niet van collega's maar van machines komt.

Inhoud

Technobabbel
Christoph Bouthillier
Captcha's revisited
Had ik u onlangs verteld (zie het vorige Bulletin) over de slimme vinding van Luis van Ahn -- de captcha's ter bescherming van onder andere het ongebreideld aanmaken van e-mailadressen -- zo zijn er inmiddels twee manieren om die drempel te slechten: ca. 30-40% van de Captcha's laat zich nu met behulp van OCR (schriftherkenning) ontcijferen, maar veel 'eleganter' is de vrijwel foutloze herkenning door de mens, of preciezer gezegd door veel mensen, casu quo Indiase loonslaven. Voor USD 2,50 per dag per persoon laat 'men' daar ijverig Captcha's ontcijferen en intypen. Vanuit de zodoende in onnoemelijke aantallen automatisch aan te maken e-mailadressen versturen de spammers vervolgens miljoenen mails om naar uw bankcodes te phishen of een Rolex-behangen doosje viagrialis aan te smeren.

'Schimpfen hilft'
Schelden helpt -- zo luidde onlangs de titel van een podcast (zie nl.wikipedia.org/wiki/Podcasting) van Deutschlandradio. Daarin werd verteld hoe spraaktechnologie ingang heeft gevonden -- en nog meer zal vinden -- bij callcenters. Om de 15 tot 50 gesprekken per medewerker per uur (!) zo efficiënt mogelijk te routeren wordt spraakherkenning ingezet om -- ingeval van een klant die al eens eerder gebeld had -- naar mogelijkheid automatisch met de helpdeskmedewerker van de vorige keer door te verbinden. Verder worden de systemen met 50.000 tot 100.000 woorden gevoed waardoor de klanten in diverse gevallen aan het begin van het contact in natuurlijke taal aan de computer kunnen vertellen wat hun vraag is en vervolgens automatisch met de optimale contactpersoon voor het desbetreffende probleem worden doorverbonden. Als een volledig geautomatiseerd voorbeeld werd een Duitse voetbaluitslagendienst voorgesteld waar men in eigen gekozen woorden naar standen en uitslagen van de clubs kan infomeren. Mensen, behalve voetballers die de uitslagen onder het aanhoren van rauwe kreten en het oplopen van knieblessures moeten produceren, komen hier niet meer aan te pas. Een ander voorbeeld is het opvragen van banksaldi waarbij zelfs extreme dialectsprekers geheel per spraakherkenning en spraaksynthese te woord worden gestaan.

Wat leest men in 3408?
Zich over de vergankelijkheid van hedendaagse opslagmethoden en -materialen zorgen makende Californische wetenschappers met een toekomstvisie zijn gaan nadenken wat eraan gedaan kan worden om het lezen van onze teksten, foto's etc. tot over 1400 jaar veilig te stellen. In het project Pergamum -- een aan de geboortestad van perkament, ook zo'n duurzame technologie, ontleende naam -- worden speciale harde schijven met speciale processoren in een extreem energiezuinige opstelling (2 - 3 watt per terabyte) zodanig ingericht dat er altijd maar 5% draait (dus zeer lage slijtage) en bovendien bij uitval van één schijf een andere de gegevens kan reconstrueren. Eens kijken of de archeologen straks ook wel weten welk beeldscherm ze moeten aansluiten. Ik denk namelijk eerder dat ze die schijven direct aan de USB-poort zullen koppelen die dan iedereen achter het linker oor geïmplanteerd zal hebben.

Inhoud

Colofon
Het Bulletin is een periodieke uitgave van de
Vereniging Zelfstandige Vertalers.

Voor meer informatie over de VZV:
www.vzv.info

Kopij en berichten aan de redactie van het Bulletin:
bulletin@vzv.info

Kopij voor het Bulletin dient in de vorm van een elektronisch tekstbestand te worden gericht aan het redactieadres. Bij overname uit andere bronnen dient de inzender zo nodig te zorgen voor toestemming en deze te vermelden bij aanlevering.

De inhoud van het Bulletin valt onder de verantwoordelijkheid van de redactie, maar geeft niet noodzakelijkerwijs haar standpunt of dat van het bestuur weer.

De redactie van het Bulletin bestaat uit:
Hanneke Rutges
Saskia Wieberdink
Marcus de Geus

Inhoud