Mentorschap

Voor het beroep van vertaler bestaan tegenwoordig – anders dan in het verleden – een aantal goede opleidingsmogelijkheden. Maar ja, goed vertalen leer je niet alleen op school; praktijkervaring is minstens zo belangrijk. Veel vertalers werken individueel als freelancer (d.w.z. als zelfstandige ondernemer) en daardoor zijn er voor beginnende vertalers weinig mogelijkheden om als 'jongste bediende' onder collega's de fijne kneepjes van het vak te leren.

De leden van de VZV bezitten een schat aan ervaring en deze ervaring willen zij via het VZV-mentorschap graag doorgeven. Dat is niet alleen in het belang van de individuele vertaler, maar ook in het belang van de hele beroepsgroep op weg naar erkenning van het vak. Het is bovendien prettig om collega's te kennen naar wie je een opdrachtgever met een gerust hart kunt doorverwijzen.

Drie categorieën vertalers kunnen van het mentorschap gebruik maken:

De mentor is een ervaren lid van de VZV en bereid om ten minste twee uur per maand te besteden aan contact met de 'pupil'. Hij of zij treedt op als raadgever en niet als corrector, tenzij partijen samen anders overeenkomen.

De mentor fungeert als klankbord en geeft raad

Terwijl de mentor zijn of haar kostbare tijd vrijwillig ter beschikking stelt, kan de pupil soms als tegenprestatie de mentor een dienst bewijzen door bijvoorbeeld een terminologiebestand bij te werken, handgeschreven toevoegingen van een ouder woordenboek naar een nieuwere versie over te brengen, of een vertaling na te lezen.

Het is niet de taak van de mentor om de pupil van werk te voorzien. De mentor is er om de goede en minder goede kanten van het werk te beoordelen, hulp te bieden en om suggesties te doen voor het verbeteren van het werk en het oplossen van problemen.

Meer over het VZV-lidmaatschap