Hieronder vindt u een aantal veelgestelde vragen met de bijbehorende antwoorden, die niet alleen voor (beginnende) vertalers, maar ook voor opdrachtgevers nuttig kunnen zijn.

Hoe zit het met beëdiging?
Soms wordt van een stuk (bijvoorbeeld een officieel document, een tekst voor gerechtelijke procedure, een bewijsstuk van de burgelijke stand, of een diploma) een officieel gewaarmerkte vertaling gevraagd. Het waarmerken houdt in dat de vertaler aan de combinatie van brontekst en vertaling een verklaring toevoegt dat de vertaling een getrouwe weergave is van het origineel. Het geheel wordt voorzien van de nodige echtheidskenmerken zoals handtekening, parafen en stempels. Om een vertaling op deze manier te kunnen waarmerken, moet de vertaler zijn beëdigd door een rechtbank, waarbij ook de handtekening van de vertaler wordt gedeponeerd.

Wanneer een beëdigd vertaler een beëdigingsverklaring met zijn of haar handtekening en stempel op een vertaling heeft gezet, is vervolgens legalisatie van de bevoegdheid van die vertaler mogelijk bij de griffie van de rechtbank (of rechtbanken) waar hij/zij is ingeschreven. Dit kan nodig zijn om de beëdigde vertaling in het buitenland te kunnen gebruiken.

De volledige vorm van legalisatie is een vrij uitgebreide procedure waarbij de echtheid van de handtekening van de vertaler wordt bevestigd door de president van de rechtbank, waarna 'doorlegalisering' plaatsvindt: de handtekening van de president wordt weer gelegaliseerd door het ministerie van Justitie, die handtekening weer door het ministerie van Buitenlandse Zaken en die weer door het consulaat van het betreffende land.

Apostillering is de verkorte vorm hiervan, mogelijk voor landen die zijn aangesloten bij het Apostilleverdrag. Een apostille is een verklaring van de griffie van de rechtbank dat de betreffende vertaler daar is ingeschreven en inderdaad is beëdigd voor die taal. De verschillende rechtbanken hanteren nogal uiteenlopende werkwijzen. Een goede regeling is: de verklaring (in de meeste gevallen is dat een stempel) wordt bij de handtekening van de vertaler geplaatst en niet op een ander deel van de vertaling of op een apart vel; het stempel is in verschillende talen beschikbaar en de ambtenaar gebruikt zo mogelijk de taal waarin de vertaling luidt; de verklaring kan door iedere geïnteresseerde zonder vertraging worden verkregen tegen betaling van de legeskosten (prijs in 2007: EUR 16).

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht behelst de apostille of legalisatie niets meer dan een controle van de identiteit van de vertaler. De inhoud van de vertaling komt niet aan bod.

Hoe zit het met boekhouden?
Een vertaler is ondernemer en dient daarom een boekhouding te hebben waarin alle zakelijke inkomsten en uitgaven en BTW-vorderingen en -betalingen worden bijgehouden. Jaarlijks moeten een balans en een resultatenrekening kunnen worden opgesteld die de belastingdienst kan gebruiken voor het berekenen van onder meer de verschuldigde inkomstenbelasting. Verder kan de belastingdienst te allen tijde inzage vragen in de boekhouding om deze te kunnen controleren op onjuistheden. Daarvoor dient de volledige boekhouding van tenminste de afgelopen zeven jaar beschikbaar te worden gehouden.

Hoe zit het met BTW?
Een vertaler levert als ondernemer een dienst en daarover moet in principe BTW (omzetbelasting) worden geheven volgens het hoge BTW-tarief. Een uitzondering op deze regel vormen vertalingen van teksten voor publicitaire doeleinden, d.w.z. teksten die vrij (maar dat wil niet zeggen gratis) worden verspreid, zoals boeken en artikelen in kranten en tijdschriften. Dergelijke vertalingen zijn krachtens Artikel 11.1q van de Wet op de Omzetbelasting vrijgesteld van BTW.

Bij facturen aan in het buitenland gevestigde opdrachtgevers moet onderscheid gemaakt worden tussen EU-ingezetenen en overigen.
Binnen de eerste groep geldt voor bedrijven de zogenaamde verleggingsregeling, waarbij de BTW-nummers van vertaler én opdrachtgever op de factuur vermeld moeten worden. Bij de aangifte van BTW moet een dergelijke transactie beslist niet worden ingevuld als intra-communautaire levering (verlegde BTW). In 2000 heeft het Ministerie van Financiën bepaald dat een vertaling (oftewel een dienst) niet als levering beschouwd moet worden. Zolang de Belastingdienst het aangifteformulier nog niet heeft aangepast wordt de vertaler geadviseerd bij een dergelijke factuur het BTW-tarief van 0% te hanteren. Is de opdrachtgever echter een particulier, dan dient de vertaler - evenals bij opdrachtgevers buiten de EU - gewoon BTW te factureren en af te dragen.

De bij facturering in rekening gebrachte BTW dient periodiek (maandelijks of per kwartaal) te worden afgedragen als omzetbelasting. Daarbij wordt gerekend op basis van verzonden facturen, niet op basis van ontvangen betalingen. Dit betekent in veel gevallen dat de aan opdrachtgevers in rekening gebrachte BTW door de vertaler moet worden voorgeschoten aan de fiscus. Daar staat tegenover dat de vertaler, als leverancier van diensten (dus niet als eindgebruiker), de over bedrijfsmiddelen betaalde BTW in mindering mag brengen.

De beginnende vertaler dient bij de afdeling voor ondernemers van de plaatselijke belastingdienst een BTW-nummer aan te vragen en krijgt dan periodiek een herinnering voor de aangifte van de omzetbelasting toegestuurd. De aangifte zelf moet elektronisch worden gedaan. Daarvoor is aangepaste boekhoudprogrammatuur verkrijgbaar, maar de aangifte kan ook via de webstek van de belastingdienst worden gedaan.

Hoe zit het met auteursrecht?
Het auteursrecht is een onvervreemdbaar recht. Dit betekent dat de auteur van een tekst (in dit geval dus de vertaler) -- en niemand anders -- altijd het recht behoudt als auteur van die tekst te worden erkend. Dit staat los van het gebruiksrecht, dat in principe door de opdrachtgever wordt verworven door betaling aan de vertaler van de overeengekomen prijs voor de vertaling. In de overeenkomst tussen vertaler en opdrachtgever kan natuurlijk daarvan worden afgeweken. Daarnaast kunnen eventueel bijzondere vergoedingsregelingen ("royalties") worden getroffen.

Hoe zit het met aansprakelijkheid?
Een vertaler kan aansprakelijk worden gesteld voor schade die het gevolg is van fouten in een geleverde vertaling. Vaak wordt deze aansprakelijkheid in de algemene voorwaarden van de vertaler (zie ook de Algemene Voorwaarden van de VZV) beperkt, bijvoorbeeld tot een bedrag gelijk aan het factuurbedrag van de vertaling. Daarvoor moet de opdrachtgever natuurlijk wel op de hoogte zijn gesteld van die algemene voorwaarden, bijvoorbeeld door een verwijzing in de offerte.

Hoe zit het met arbeidsongeschiktheid?
Arbeidsongeschikt is iets anders dan het niet meer in staat zijn het beroep van vertaler naar behoren uit te oefenen.

Een arbeidsongeschiktheidsverzekering lijkt niet veel mogelijkheden te bieden: de premies staan eigenlijk in geen verhouding tot de uit te keren bedragen bij arbeidsongeschiktheid anders dan door zwaar lichamelijk letsel.

Wat zijn "de" tarieven?
Die zijn er niet; althans, er zijn geen vaste tarieven. Dat kan ook niet, want onderlinge prijsafspraken zijn wettelijk verboden. Neem contact op met vertalers om te horen welke tarieven zij hanteren.

Moet een vertaler bij de Kamer van Koophandel ingeschreven zijn?
Met ingang van 1 juli 2008 moeten alle nieuwe ondernemers, dus ook (zelfstandige) vertalers, zich bij de Kamer van Koophandel inschrijven. Voor bestaande ondernemers geldt een overgangsregeling tot 31 december 2008. Met ingang van 1 januari 2009 moet elke ondernemer dus zijn ingeschreven bij de KvK. Neem voor inlichtingen contact op met de plaatselijke KvK.

Moet een vertaler een vergunning hebben?
Nee, dat hoeft niet.

Moet een vertaler lid zijn van een beroepsvereniging?
Nee, dat hoeft niet, maar het biedt natuurlijk wel veel voordelen, bijvoorbeeld contacten met collega's.